In Turkije zijn negen mensen opgepakt in verband met de aanslagen van zaterdag in de grenstad Reyhanli. Dat maakt de Turkse minister van Binnenlandse Zaken Muammer Guler zondag bekend. 

Bij de aanslagen met autobommen kwamen in totaal 46 mensen om. 

Muammer Guler zegt dat de aanslagen zijn gepleegd door een groep die gelinkt is aan de Syrische geheime dienst. De aanslag zou een vergelding zijn voor de Turkse hulp aan Syrische opstandelingen.

Minister Ahmet Davutoglu van Buitenlandse Zaken heeft gezegd dat het ''tijd is voor de internationale gemeenschap om op te treden tegen Syrië, nu buurlanden steeds meer risico lopen''. De minister suggereerde zondag dat Damascus verantwoordelijk zou zijn voor de bomaanslagen in Reyhanli. Syrië ontkent zondag betrokkenheid bij de aanslag.

Censuur

Turkse media mogen niet meer vrijuit berichten over de bomaanslagen van zaterdag in Reyhanli, aan de Syrische grens. Dat heeft de rechtbank in het getroffen gebied bepaald.

Vrije berichtgeving over de bomaanslagen van zaterdagmiddag zou het onderzoek ernaar bemoeilijken en bewijsmateriaal zou verloren kunnen gaan, stelt de rechtbank.

Het besluit is zondag verspreid door het aan de staat gelieerde persbureau Anadolu Ajans. Zowel geschreven nieuws als beeld- en geluidsopnames vallen onder het verbod. Op de Turkse nieuwszender NTV is inmiddels een verslaggever gesignaleerd die meldde nieuws te hebben maar dat niet te mogen delen.

Reyhanli

Reyhanli is een plaats vlakbij de Syrische grens in de Turkse provincie Hatay. De provincie behoort sinds 1939 tot Turkije. Syrië claimt dat de provincie bij Syrië hoort.

Alles over Syrië in ons dossier over de onrust in het Midden-Oosten