De situatie in Syrië is veel erger dan aanvankelijk werd gedacht. Dat zegt Merlijn Stoffels, woordvoerder van het Rode Kruis in een gesprek met NU.nl.

Stoffels was afgelopen week in Damascus, de hoofdstad  van Syrië, om informatie in te winnen bij zijn collega’s van zusterorganisatie de Syrische Rode Halve Maan en het internationale Rode Kruis over de hulpverlening in het land.

"Er komt een groep van miljoenen mensen bij die ook slachtoffer dreigt te raken van de burgeroorlog", zegt Stoffels.

Hij doelt daarmee op personen die door de aanhoudende gevechten geen werk en inkomen meer hebben en daardoor afglijden naar nog grotere armoede.

"Veel bedrijven en winkels zijn verwoest of moeten sluiten omdat de toevoer van goederen opdroogt. Hotels, restaurants; ze zijn allemaal leeg. Daar komt de immense inflatie nog bovenop. Prijzen zijn sinds het uitbreken van de burgeroorlog twee jaar geleden verdrievoudigd. Meer dan de helft van de bevolking is werkloos", zegt Stoffels.

Slachtoffers

Volgens de Verenigde Naties is het aantal slachtoffers sinds de opstand tegen het regime van president Bashar al-Assad gestegen naar 6,8 miljoen mensen. Daaronder zijn 3 miljoen kinderen. Eerdere berekeningen gingen uit van 4 miljoen slachtoffers. Het dodental zou volgens het Syrisch Observatie Centrum, dat huisvest in Londen, de grens van 70.000 zijn gepasseerd.

De Syrische Rode Halve Maan coördineert de hulpverlening vanuit het hoofdkantoor in Damascus. Vanuit daar werken zij met een netwerk van allemaal kleinere kantoren, verspreid over het land.

"De situatie is nijpend", vertelt Stoffels. "De frontlinies verplaatsen zich steeds en er zijn enkele honderden groeperingen. Dat maakt het werk lastig, maar niet onmogelijk. Er zijn natuurlijk risico’s, auto’s zitten soms vol kogelgaten. Er vallen ook doden."

Volgens een globale schatting bereiken de verschillende hulporganisaties per maand twee miljoen hulpbehoevenden.

Bekijk Damascus op de kaart:


Grotere kaart weergeven

Inhumaan

De omvang van de ramp is volgens Stoffels ongekend. Toch ondervindt het Rode Kruis moeite om voldoende financiële middelen bij elkaar te krijgen via donaties. 

De 4,3 miljoen euro die via giro 555 door de Samenwerkende Hulporganisaties (SHO) is opgehaald met de actie 'Help slachtoffers Syrië', is dan ook al bijna helemaal opgegaan aan noodhulp.

"De Syriërs voelen zich door het westen in de steek gelaten. Het is inhumaan hoe mensen hier moeten leven. Er wonen soms drie of vier gezinnen in één woning. Kinderen krijgen geen daglicht en kunnen niet naar school. De hygiëne verslechtert met de dag waardoor ziektes uitbreken."

"De nood stijgt en de middelen raken op. Het is een enorme catastrofe", aldus Stoffels.

Achtergrond: Conflict Syrië in een patstelling

Alles over de onrust in het Midden-Oosten