Tienduizenden Kroatiërs hebben zondag in de Kroatische hoofdstad Zagreb geprotesteerd tegen de invoering van het Servisch cyrillisch schrift op naamborden in Vukovar.

Die stad werd in de oorlog van 1991-1995 grotendeels vernield door Servische troepen.

Volgens de politie waren er 20.000 man op de been, maar volgens de organisatie ruim 40.000.

De betogers riepen leuzen als ''Nee tegen het cyrillisch in Kroatië''. Volgens de grondwet moet de overheid in plaatsen waar een derde van de bevolking Servisch is, de straatnaamborden tweetalig maken. De Kroaten hebben het Latijnse alfabet en de Serviërs het cyrillische.

Grondwet wijzigen

De bevolking van de stad Vukovar in het oosten van Kroatië is nu ongeveer 35 procent Servisch. Veel betogers willen daarom de grondwet wijzigen, zodat het cyrillisch er nooit wordt ingevoerd.

Een van de organisatoren zei dat Vukovar moet worden gezien als een bijzonder gebied, waar nooit het cyrillisch mag worden ingevoerd, zoals ''in het concentratiekamp Auschwitz nooit het Duitse volkslied wordt gespeeld''.

Tijdens het drie maanden durende beleg in 1991 werd Vukovar door Servische troepen met de grond gelijk gemaakt. Alle niet-Servische bewoners werden verdreven, terwijl 200 achtergebleven Kroatische patiënten in ziekenhuizen door de Serviërs werden geëxecuteerd.