Twee vermoedelijke leiders van de Noord-Ierse IRA-splinter Real IRA kunnen aansprakelijk worden gesteld door de slachtoffers van de bomaanslag in het stadje Omagh in 1998. Dat heeft een rechter in Belfast woensdag besloten.

Het bewijsmateriaal tegen Colm Murphy en Seamus Daly toont dat zij een belangrijke rol hadden in de aanslag, die aan 29 mensen het leven kostte.

De bomaanslag in Omagh was de bloedigste in vier decennia van Noord-Iers geweld.

De advocaten van de twee zeiden bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens beroep aan te zullen tekenen tegen de uitspraak.

Aansprakelijk

Murphy en Daly werden in 2009 in een civiele procedure aansprakelijk gesteld voor het bloedbad in Omagh. Ze moesten in totaal 1,8 miljoen euro aan schadevergoedingen betalen aan de nabestaanden van de slachtoffers.

In 2011 trok een gerechtshof het bewijsmateriaal tegen Murphy, Daly en twee andere IRA-dissidenten echter in twijfel en werd besloten dat het proces over moest.