Mensen die woonden in het zwaarst getroffen gebied van de ramp met de Fukushima-kerncentrale in Japan lopen een hoger risico om bepaalde vormen van kanker te ontwikkelen. 

Dit zei de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) donderdag.

Een zware aardbeving en een daarop volgende tsunami op 11 maart 2011 doodde bijna 19.000 mensen en verwoestte de Fukushima Daiichi kerncentrale. Door de vrijgekomen radioactieve straling moesten 160.000 mensen hun huizen ontvluchten.

Baby's

De WHO schat dat in het meest vervuilde gebied er voor baby's een 70 procent hogere kans is om schildklierkanker te ontwikkelen in hun leven. De schildklier is het meest blootgestelde orgaan waar radioactief jodium zich concentreert en vooral kinderen zijn daar zeer kwetsbaar voor.

Het rapport concludeert dat voor de bevolking in Japan de voorspelde gezondheidsrisico's laag zijn, maar dat een derde van de hulpverleners een verhoogd risico op ziektes lopen.

Buiten Japan is geen waarneembare toename van gezondheidsrisico's te verwachten, aldus de WHO in het 200 pagina's tellende rapport.