Rusland hoeft zich op geen enkele wijze te verplichten aan homoseksuele propaganda. Dat heeft de Russische minister van buitenlandse zaken Sergej Lavrov.

Lavrov zegt dat tegen zijn Nederlandse ambtgenoot Frans Timmermans dinsdag op een gezamenlijke persconferentie meegedeeld in reactie op kritiek van Den Haag en de Europese Unie.

Het Russische lagerhuis keurde op 25 januari een wet goed die het verbiedt om minderjarigen van informatie te voorzien die wordt omschreven als 'propaganda van sodomie, lesbisch zijn, biseksualiteit en transgenderisme'. Openbare evenementen voor de rechten van homoseksuelen, zoals de Gay Pride, worden ook in de ban gedaan.

Timmermans drong er op 1 februari bij Rusland op aan de wet, die nog door het hogerhuis en de president moet worden goedgekeurd, niet in te voeren. "Discriminatie van homoseksuelen is onaanvaardbaar. Homorechten zijn mensenrechten en Rusland moet zich houden aan zijn internationale verplichtingen."

'Fundamentele rechten'

De Russische wet kan indruisen tegen 'fundamentele rechten', zei Timmermans dinsdag op de persconferentie en voegde eraan toe dat hij EU-buitenlandcoördinator Catherine Ashton aan zijn zijde weet.

Homoseksualiteit is sinds 1993 niet meer strafbaar in Rusland, maar homofobie is wijdverspreid. Homobijeenkomsten en -parades worden stelselmatig verboden.

Voorstanders van de wet zeggen dat de jeugd beschermd moet worden tegen 'homoseksuele propaganda', omdat jongeren de informatie niet kritisch op waarde zouden weten te schatten.