MÜNCHEN - De Amerikaanse vice-president Joe Biden heeft de Syrische president Bashar al-Assad alle recht ontzegd nog langer aan het hoofd van zijn land te staan.

''Hij is niet langer in een positie om het Syrische volk te leiden. Hij moet gaan'', zei Biden zaterdag op een veiligheidsconferentie over Syrië in München.

Biden maakte zijn opmerkingen tijdens een Europese reis, de eerste buitenlandse reis van zijn tweede termijn. Op de conferentie ontmoet hij de Russische minister van Buitenlandse Zaken Sergej Lavrov, de Syrische oppositieleider Moaz al-Khatib en de speciale VN-gezant voor Syrië Lakhdar Brahimi.

Khatib zei vrijdag nog dat de internationale gemeenschap niet langer aan de zijlijn van de ''tragedie'' van het Syrische volk moet staan en herhaalde zijn bereidheid om met het regime van Assad te onderhandelen.

V-raad

Brahimi benadrukte opnieuw dat de VN-Veiligheidsraad de enige instelling is die het conflict in Syrië kan beëindigen. Het Syrische regime heeft tot nu alle voorspellingen van een dreigende ineenstorting getrotseerd en er is geen einde van het conflict in zicht.

De VN schat dat tijdens de burgeroorlog meer dan 60.000 Syriërs zijn gedood. Ook is er groeiende bezorgdheid dat chemische wapens van Syrië in handen kunnen vallen van terroristen.

Lees alles over de onrust in het Midden-Oosten in ons dossier