BAMAKO - De extremistische islamitische rebellen in Mali hebben maandag de stad Diabaly in het centrum van het Afrikaanse land ingenomen.

Dat zei de Franse regering maandag.

''De rebellen namen de stad in na felle gevechten en weerstand van de Malinese troepen, maar die konden de rebellen niet op afstand houden'', aldus minister van Defensie Jean-Yves Le Drian tegen de Franse televisiezender BFM. De gevechten blijven echter doorgaan, vulde de minister aan. Franse en Malinese troepen blijven proberen de rebellen te verjagen.

Frankrijk begon vrijdag op verzoek van de Malinese regering met luchtaanvallen op posities van de rebellen. Ook stuurde Parijs militairen om de hoofdstad Bamako tegen de opstandelingen te beschermen.

De Organisatie voor Islamitische Samenwerking (OIC) heeft het optreden van Frankrijk veroordeeld.

Zij erkent dat de VN-Veiligheidsraad er toestemming voor heeft gegeven, maar de interventie kwam te vroeg, liet secretaris-generaal Ekmeleddin Ihsanoglu van de organisatie in een verklaring weten.

EU

De Europese Unie bespreekt deze week de crisis in Mali op een speciaal daarvoor georganiseerde bijeenkomst. Dat maakte de Franse minister van Buitenlandse Zaken, Laurent Fabius, maandag bekend.

 ''We zullen besluiten nemen waarmee de uitrol van de Europese advies- en trainingsmissie voor het Malinese leger versneld kan worden'', aldus Fabius.

NAVO

De NAVO heeft positief gereageerd op de Franse interventie in Mali. Het bondgenootschap zegt geen verzoek te hebben gekregen uit Parijs om bijstand.

''Er is geen verzoek binnengekomen, er is geen discussie gevoerd over de situatie in Mali, de alliantie is niet betrokken bij deze crisis'', maakte een woordvoerster maandag bekend.

''Maar we zijn allemaal natuurlijk wel bezorgd over de dreiging die kan uitgaan van terreurgroepen in Mali, niet alleen voor het land zelf, maar ook voor de regio."

"Daarom verwelkomen we de inzet van de hele internationale gemeenschap om de resolutie van de VN-veiligheidsraad te implementeren en de zeer snelle reactie van Frankrijk om het offensief van de terreurorganisaties terug te drijven.''