LJUBLJANA - Het hoofd van het Sloveense anticorruptieagentschap heeft vrijdag premier Janez Jansa en oppositieleider Zoran Jankovic opgeroepen af te treden. 

Volgens Goran Klemencic van de Commissie ter Voorkoming van Corruptie hebben beide politieke leiders zich schuldig gemaakt aan grootschalige fraude.

De commissie bracht deze week een rapport uit waarin staat dat Jansa heeft nagelaten meer dan tweehonderdduizend euro aan persoonlijke bezittingen te declareren.

Jankovic, die ook de burgemeester van Ljubljana is en een van de rijkste mensen in Slovenië, heeft geen openheid van zaken gegeven over hoe hij een deel van zijn fortuin, 2,4 miljoen euro, heeft vergaard, aldus het rapport.

Opschudding

"Het is voor het eerst in dit land dat een anticorruptiewaakhond het hoofd van de regering en het hoofd van de oppositie, die samen meer dan zestig procent van het politieke landschap beslaan, heeft beschuldigd", aldus Klemencic in een interview vrijdag. "In dat opzicht viel te verwachten dat dit voor opschudding zou zorgen."

Beide politici ontkennen iets te hebben misdaan en weigeren op te stappen. Ze hebben op hun beurt Klemencic en zijn commissie op de korrel genomen.

Politieke consequenties

"Hoe kunnen de premier en het hoofd van de grootste oppositiepartij, tevens de burgemeester van de hoofdstad, in een democratie nog steeds op hun plek zitten na zulke bevindingen?", vroeg Klemencic zich hardop af.

"Als er geen politieke consequenties volgen of onze bevoegdheden niet worden uitgebreid, stap ik op. Ik wil geen deel uitmaken van een systeem dat een papieren tijger is, dat een zeer diepgravend financieel onderzoek uitvoert gebaseerd op feiten en dat er vervolgens niets gebeurt."

Nieuwe premier

Zelfs de centrumrechtse coalitie waar Jansa aan het hoofd van staat heeft hem opgeroepen plaats te maken voor een nieuwe premier.

Jansa heeft echter ook deze oproep naast zich neergelegd en heeft zijn coalitiegenoten een week de tijd gegeven om te beslissen of ze nog wel deel willen uitmaken van de regering, of dat ze de voorkeur geven aan vervroegde verkiezingen.