AMSTERDAM -  Het Criminologisch Onderzoeksinstituut Nedersaksen begint een eigen onderzoek naar seksueel misbruik in de Duitse Rooms-Katholieke Kerk. 

Dat heeft directeur Christian Pfeiffer woensdag gezegd, nadat de Duitse bisschoppen de samenwerking met de instelling hadden opgezegd.

Pfeiffer roept alle slachtoffers van misbruik op met zijn instituut contact op te nemen.

De kerk zelf wil niet meer meewerken met onderzoeken. De Duitse Bisschoppenconferentie zegt dat er geen vertrouwen meer is tussen de twee partijen.

De bisschoppen gaven in 2011 het instituut de opdracht voor een wetenschappelijk onderzoek, maar volgens bisschop Stephan Ackermann van Trier, binnen de bisschoppenconferentie belast met misbruikzaken, is er geen enkel vertrouwen meer tussen de kerkleiding en Pfeiffer. Hij gaf geen details.

Tegenwerking kerk

Volgens Pfeiffer werkten de onderzoekers en de kerk de eerste paar maanden goed samen, waarna problemen ontstonden. Zo drong eerst het aartsbisdom van München aan op strenger toezicht van de kerk op het werk van de onderzoekers. Vervolgens eisten de Duitse bisdommen dat er geen bevindingen zouden worden gepubliceerd zonder toestemming van de kerk. Dit was voor Pfeiffer een onacceptabele eis.

De Bisschoppenconferentie zei in een verklaring dat de manier waarop Pfeiffer communiceerde met functionarissen binnen de kerk verdere constructieve samenwerking onmogelijk heeft gemaakt.

Een maand geleden meldde de kerk dat bij een onderzoek in 21 van de 27 bisdommen tussen 2000 en 2010 576 gevallen van aanranding en andere vormen van misbruik aan het licht zijn gekomen. Honderden Duitse mannen hebben gezegd dat geestelijken zich in de periode 1950-1980 aan hen hebben vergrepen.