BUENOS AIRES - In Argentinië is woensdag het megaproces begonnen tegen 68 mensen die misdaden tegen de mensheid zouden hebben gepleegd tijdens de militaire dictatuur (1976-1983).

Ze zijn aangeklaagd voor bijna 800 feiten.

Er waren zo veel verdachten en advocaten, dat er in de rechtszaal nauwelijks plek was geïnteresseerden. Voor de deur van het tribunaal demonstreerden activisten, onder wie de Dwaze Moeders.

Elke donderdag lopen zij over het Plaza de Mayo in de hoofdstad Buenos Aires om aandacht te vragen voor hun verdwenen zonen.

Julio Poch

Een van de verdachten is oud-Transaviapiloot Julio Poch, die ook een Nederlands paspoort heeft. Hij en zeven andere aangeklaagden zouden betrokken zijn geweest bij de 'vluchten des doods'. Daarbij werden tegenstanders van het bewind levend uit vliegtuigen in de oceaan gegooid. Het is de eerste keer dat een rechtbank zich buigt over de doodsvluchten.

Op de uiteindelijke aanklacht tegen Poch prijken de namen van 27 slachtoffers. Aanvankelijk dichtte justitie 666 slachtoffers aan hem toe.

Poch wil aan het begin van het proces zijn verklaring afleggen. Wanneer dat precies gebeurt, is nog niet bekend. De advocaten van Poch willen ook dat zes nieuwe getuigen worden gehoord, onder wie twee medewerkers van Transavia en de zoon van Poch.

Spanje

Poch werd in september 2009 opgepakt in Spanje. Hij stond toen op het punt om zijn laatste vlucht voor Transavia uit te voeren. Op Bali zou Poch over zijn verleden hebben gesproken met collega-piloten, die daarop naar de politie stapten. Spanje leverde Poch uit aan zijn vaderland.

De rechters kijken ook naar een geheim marinecomplex buiten Buenos Aires, waar het vroegere regime duizenden tegenstanders heeft opgesloten, gemarteld en vermoord. Sommige verdachten zitten al levenslange straffen uit voor andere misdaden onder het schrikbewind.

De rechters willen ongeveer 900 getuigen horen. Daardoor kan het proces twee jaar duren.