'Opgeleide onderofficieren werken buiten Kunduz'

DEN HAAG - Tientallen door Nederland opgeleide Afghaanse onderofficieren werken buiten de noordelijke provincie Kunduz. 

Dat blijkt uit een brief die de ministers van Buitenlandse Zaken, Veiligheid en Justitie en Defensie donderdag aan de Tweede Kamer hebben gestuurd. Agenten blijken ''in mindere mate'' buiten de provincie actief te zijn.

De afspraak is dat door Nederland opgeleide agenten en onderofficieren niet buiten de provincie mogen gaan werken. Dat de afspraak is geschonden, kwam medio vorige maand naar buiten. Daarop is de opleiding van Afghaanse onderofficieren stilgelegd.

Uit het onderzoek dat daarna is gestart, komt ook naar voren dat tientallen agenten en onderofficieren niet konden worden bereikt. Ook blijkt een aantal personen te zijn overleden, de dienst te hebben verlaten of te hebben geweigerd om buiten Kunduz te werken.

'Agentvolgsysteem'

De politietrainingsmissie begon in juni 2011. Om te controleren dat de getrainde Afghanen in deze noordelijke provincie bleven, werd een 'agentvolgsysteem' opgezet. Dat blijkt dus in praktijk niet te werken.

De Afghaanse onderminister van Binnenlandse Zaken Rahman die over de plaatsing van agenten gaat, gaat uitzoeken waar de politiemensen zijn geplaatst. Ook zal hij onderzoeken hoe het zo ver heeft kunnen komen.

Meer dan 540 Nederlanders zijn bij de politietrainingsmissie betrokken. Dit jaar kost de Nederlandse aanwezigheid in Afghanistan 110 miljoen euro. De missie duurt nog tot medio 2014.

Lees meer over:
Tip de redactie