BILTHOVEN - Onder de 10.000 kampeerders die in het Yosemite National Park in Californië mogelijk zijn besmet met het hantavirus, zijn 54 Nederlanders.

Dat meldde het RIVM maandag op basis van informatie van de Amerikaanse autoriteiten. Een woordvoerder bevestigde een bericht hierover van de NOS.

De Nederlanders hebben deze zomer in het nationale park de nacht doorgebracht in tentcabines waarin het hantavirus is gevonden. Zeker zes Amerikanen die er ook hebben geslapen, zijn ziek geworden. Van hen zijn er twee overleden.

Het virus wordt overbracht via uitwerpselen en urine van de hertmuis. Blootstelling in kleine, matig geventileerde ruimten, zoals een tent, leidt tot grotere kans op besmetting.

GGD

Het RIVM heeft van de Amerikaanse zusterorganisatie enkele adressen van de Nederlanders gekregen, maar dus niet van iedereen. Het RIVM heeft GGD’en in ons land geïnformeerd over de uitbraak en mensen die in het park verbleven en er vragen over hebben kunnen bij de GGD in hun buurt terecht.

Bij mensen veroorzaakt het virus in eerste instantie griepachtige verschijnselen. Na enkele dagen tot een week kunnen die overgaan in ernstige longklachten waarvoor behandeling in het ziekenhuis nodig is. Het virus is niet van mens op mens overdraagbaar.

Mondkapje

Een woordvoerster liet maandag weten dat het natuurgebied wel gewoon open blijft voor publiek. Volgens de woordvoerster is de kans op besmetting zeer klein. "Als het publiek in de buitenlucht rondloopt, kan er vrijwel niets gebeuren", verklaarde ze.

Wel wordt er geadviseerd om een mondkapje te dragen.