BAMAKO/DEN HAAG - Een team van het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag is in Mali om onderzoek te doen naar mogelijke oorlogsmisdaden door extremistische moslims.

Missieleider Amady Ba zei vrijdag dat de delegatie inlichtingen verzamelt in het noorden van het Afrikaanse land, waar Toearegrebellen en islamitische strijders begin dit jaar veel terrein wonnen.

Er is onder meer melding gemaakt van standrechtelijke executies, verkrachtingen, inzet van kindsoldaten en marteling. De extremisten zijn ook beschuldigd van plundering en het vernietigen van ziekenhuizen, scholen en rechtbanken. Ook kerken en moskeeën zouden doelwit zijn geweest.

De regering van Mali deed in juli aangifte van misdaden in het land bij het ICC. Hoofdaanklaagster Fatou Bensouda liet toen weten dat zij snel wil beslissen over de opening van een formeel onderzoek.

Mali werd lang als een van de stabielste democratieën van Afrika beschouwd. Maar op 22 maart pleegden ontevreden militairen een staatsgreep. Zij waren boos over de onvoldoende middelen om de Toeareg-opstand te bestrijden. Maar door het machtsvacuüm kreeg de rebellie juist echt vrij spel. De islamistische Ansar Dine proberen inmiddels de sharia in te voeren.