AMSTERDAM/KABUL - De Afghaanse president Hamid Karzai is blij met de dertien miljard euro aan hulp die aan Afghanistan is toegezegd.

De hulp moet het land overeind houden als het merendeel van de buitenlandse militairen eind 2014 is vertrokken.

Aan de hulp is een nieuw systeem van toezicht verbonden dat zorgen over mismanagement en corruptie moet wegnemen.

Karzai benadrukte dat hij dankbaar is voor de toezeggingen die in zondag op een internationale conferentie in Tokyo zijn gedaan. Het is meer dan hij en zijn ministers hadden verwacht. Maar Karzai zegt dat het niet alleen de schuld van de regering is dat er zoveel corruptie is.

Aanpakken

"De manier waarop de hulp in Afghanistan wordt verstrekt, de manier waarop deze wordt verdeeld, de projecten die voor zulke hulp worden geselecteerd en de manier waarop werken worden gegund, het zijn allemaal zaken die wij moeten aanpakken", zei Karzai.

De regering van Karzai wordt algemeen gezien als een cliëntelisme-netwerk. Karzai zegt wel vaker dat hij corruptie bestrijdt, maar het is maar in weinig gevallen tot vervolging gekomen van personen die hun positie hebben misbruikt voor zelfverrijking.

Bij de corruptie zijn ook vaak buitenlanders betrokken. Om aan beide kanten meer verantwoording af te dwingen, zal de hulp voortaan voornamelijk via de Afghaanse overheidsbegroting en internationale organisaties als de Wereldbank gekanaliseerd worden.

Arm

Afghanistan is een van de tien armste landen ter wereld. Sinds 2002 heeft het zo'n 48 miljard euro aan civiele hulp ontvangen. De buitenlandse hulp is volgens de Wereldbank bijna net zo hoog als het bruto binnenlands product van het land.

In Afghanistan ontbreekt ook de bestuurlijke capaciteit en infrastructuur om de hulp allemaal te absorberen. Omdat in veel sectoren expertise ontbreekt, worden buitenlandse experts aangetrokken die veel hogere salarissen gewend zijn dan de Afghanen. Dit schept een inkomenskloof die afgunst wekt.