BELGRADO - De Servische president Boris Tadic treedt af. Hij kondigde woensdag aan zijn ontslag in te dienen bij de voorzitter van het Servische parlement.

Tadic vertrekt 10 maanden voor het einde van zijn mandaat.

Het vertrekkende staatshoofd verklaarde dat hij met zijn aftreden de weg vrijmaakt voor gelijktijdige parlements- en presidentsverkiezingen in mei. Hij is dan van plan een gooi te doen naar een nieuwe termijn.

Tadic (54), sinds 2004 staatshoofd van achtereenvolgens Servië-Montenegro en Servië, neemt het op 6 mei in de race om het presidentschap op tegen Tomislav Nikolic (60).

Die leidt een afsplitsing van de Servische Radicale Partij van de ultranationalist Vojislav Seselj, die al jaren vastzit in Scheveningen waar hij wegens oorlogsmisdaden berecht wordt door het Joegoslavië-Tribunaal.

Populairder

Tadic is als persoon populairder bij de kiezer dan zijn Democratische Partij (DS). Volgens analisten in Belgrado kan het samenvallen van presidents- en parlementsverkiezingen de DS aan meer stemmen helpen.

De opkomst kan hoger komen te liggen, als kiezers tegelijkertijd op de partij DS en de presidentskandidaat Tadic kunnen stemmen.

Gefrustreerd

Veel Serviërs zijn gefrustreerd over de politiek. Er zijn bijna 1 miljoen werklozen in het 7,2 miljoen inwoners tellende Balkanland. Het gemiddelde maandsalaris is circa 350 euro.

Wel heeft Servië uitzicht op het lidmaatschap van de Europese Unie sinds het vorige maand eindelijk de status van kandidaat-lid kreeg.

Dat werd mogelijk na de uitlevering van de laatste verdachten van oorlogsmisdaden, Ratko Mladic en Goran Hadzic, aan het tribunaal vorig jaar. Nederland had jarenlang van samenwerking met het VN-hof in Den Haag een voorwaarde gemaakt voor verdere toenadering van Belgrado tot de unie.