AMTERDAM - Meer dan drie dagen na de catastrofale explosies in een munitiedepot in Congo-Brazzaville is de hulpverlening nog altijd niet op gang gekomen.

Het wordt dan ook met het uur onwaarschijnlijker dat er nog levenden onder het puin vandaan worden gehaald.

De wegen die naar het voormalige munitiedepot leiden zijn afgezet door agenten in kogelvrije vesten. Het Rode Kruis zei dat hulpverleners geen toestemming hebben gekregen het gebied te betreden. De militairen en brandweermannen die het gebied wel mogen betreden concentreren zich vooralsnog op het blussen van branden die nog steeds woeden.

Gevaarlijk

"Het enige reddingswerk is verricht door mensen die hier zelf woonden, en die terugkwamen om de lichamen van hun geliefden op te graven", aldus een anonieme militair. "Ik betwijfel of er nog iemand leeft, maar als dat wel zo is, moeten ze wachten totdat we de branden hebben geblust. Het is nu te gevaarlijk. Er zijn nog steeds niet-ontplofte bommen."

Er brak zondag brand uit in het munitiedepot, waarschijnlijk als gevolg van kortsluiting. Zeker 246 mensen zijn omgekomen. De explosies deden daken op meer dan anderhalve kilometer afstand instortten.

Het dodental zal waarschijnlijk nog fors oplopen als het puinruimen eenmaal begint. Een wandeling door de stad zet dit vermoeden kracht bij; op diverse plaatsen hangt de lucht van ontbindende lijken in de lucht.