AMSTERDAM - De voormalige Israëlische president Moshe Katsav heeft Israël ervan beschuldigd een onschuldig man te 'executeren'.

Katsav kwam woensdag aan bij de Maasiyahu-gevangenis even buiten Tel Aviv om een celstraf van zeven jaar uit te zitten voor verkrachting, seksuele intimidatie en belemmering van de rechtsgang.

De 66-jarige Katsav werd in december vorig jaar schuldig bevonden.

Bewezen werd geacht dat hij in 1998, toen hij minister van toerisme was, twee keer een medewerkster heeft verkracht en dat hij zich in de periode dat hij president was, van 2000 tot 2007, schuldig heeft gemaakt aan seksuele intimidatie van twee vrouwen.

Levend begraven

Katsav beschuldigde de autoriteiten er woensdag van bewijs dat hem kan vrijspreken te negeren. Hij zei dat op een dag 'de waarheid aan het licht zal komen'. "Israël executeert vandaag een man op basis van indrukken, zonder echte getuigenissen, zonder bewijs", zei Katsav.

"Op een dag zal de staat er zich van bewust worden een man levend te hebben begraven."

De aanklagers baseerden hun zaak vrijwel geheel op getuigenverklaringen, omdat er geen forensisch bewijs was. Juridische experts zeiden dat de overeenkomsten in getuigenverklaringen van slachtoffers die elkaar niet kenden waarschijnlijk tot de veroordeling hebben geleid.

Katsav ging tevergeefs tegen zijn veroordeling en de gevangenisstraf in beroep. Hij is de hoogste voormalige Israëlische hoogwaardigheidsbekleder die achter de tralies verdwijnt.