GENEVE - De internationale gemeenschap moet actie ondernemen om burgers in Syrië te beschermen tegen de meedogenloze repressie.

Dat heeft de Hoge Commissaris voor de Mensenrechten van de VN, Navi Pillay, vrijdag in Genève gezegd.

''Omdat het overduidelijk is dat de Syrische autoriteiten nalaten hun burgers te beschermen, moet de internationale gemeenschap snel doelmatige maatregelen nemen.''

Volgens schattingen van de VN zijn er al zeker 4000 mensen gedood bij het bruut neerslaan van de protesten tegen het regime van president Bashar al-Assad.

Het regime werd gevestigd door Assads vader, de alawitische generaal Hafez al-Assad, die in 1970 de macht greep. Het regime wordt gedomineerd door alawitische officieren. Tot de sjiitische sekte van de alawieten behoort ongeveer 10 procent van de bevolking van 18 miljoen mensen.

De christenen vormen ook ongeveer 10 procent van de bevolking en de Druzen 3 procent. De grote meerderheid (77 procent) in Syrië bestaat uit soennieten, onder wie Koerden, die 10 procent van de bevolking vertegenwoordigen.

Onder de doden zouden meer dan 300 kinderen zijn. Meer dan 14.000 mensen zijn opgepakt. Pillay waarschuwde dat er een burgeroorlog komt, als de wrede onderdrukking niet ophoudt.

Resolutie

De Veiligheidsraad kwam 17 maart met een resolutie ter bescherming van burgers in Libië. Dat leidde 2 dagen later tot westers militair ingrijpen om burgers in de opstandige stad Benghazi tegen de troepen van dictator Muammar Kaddafi te beschermen.

Het ingrijpen breidde zich uit tot massale militaire steun aan rebellen en leidde tot de val van het regime in augustus en de dood van Kaddafi in oktober.

 Alles over de onrust in het Midden-Oosten in ons nieuwsdossier