WASHINGTON - Hoge Amerikaanse functionarissen hadden veel langer dan tot nog toe gedacht kennis van wantoestanden in Afghaanse gevangenissen, zoals stelselmatige martelingen.

Dat meldde de Amerikaanse krant The Washington Post zondag (lokale tijd).

Deze zomer bleek uit een VN-rapport dat gedetineerden in gevangenissen in Afghanistan worden gemarteld.

Maar goed ingevoerde bronnen stellen volgens The Washington Post dat de inlichtingendienst CIA, het ministerie van Buitenlandse Zaken en het leger in 2010 al op de hoogte waren van de misstanden, maar er niets tegen ondernamen.

Afdeling 124

Het meest beruchte detentiecentrum is Afdeling 124, in de hoofdstad Kabul. Marteling van gevangenen is daar de norm, zo meldden diverse diplomatieke bronnen.

''Mensen noemen het de hel'', zei een ex-gedetineerde tegen onderzoekers van de Verenigde Naties. Van de 28 geïnterviewde voormalige gevangenen stelden 26 dat ze zijn gemarteld in Afdeling 124.

Rode Kruis

Het Rode Kruis en andere non-gouvernementele organisaties, zoals Amnesty International en Human Rights Watch, werd de toegang ontzegd tot de gevangenissen, waardoor er geen onafhankelijke inspecties werden uitgevoerd.

Onderzoek heeft uitgewezen dat gevangenen in Afghanistan langdurig aan hun benen worden opgehangen en met elektrische schokken bewerkt.

Het beschadigen van de genitaliën van verdachten behoort ook tot het standaardrepertoire van de verhoorders van de diverse veiligheidsdiensten in Afghanistan.

CIA

Volgens Afghaanse bronnen hebben werknemers van de CIA nooit zelf gevangenen gemarteld. Maar ze zouden wel volledig op de hoogte zijn geweest van dergelijke praktijken, die strafbaar zijn volgens internationaal recht.

CIA-medewerkers zouden vrijwel dagelijks bezoeken afleggen aan Afdeling 124, onder meer voor overleg met leidinggevenden.

De internationale troepenmacht ISAF, waarin de Amerikanen een leidende rol spelen, heeft in verband met het VN-rapport besloten geen gevangenen meer over te dragen aan 16 gevangenissen, waaronder Afdeling 124.