AMSTERDAM - Een konvooi van het Rode Kruis is er maandag niet in geslaagd Sirte, het zwaarbevochten 'bolwerk' van de verdreven Libische leider Muammar Kaddafi, te bereiken.

De hulpverleners van het Rode Kruis waren met vrachtwagens vol medische voorzieningen op weg naar de havenstad, maar moesten op ongeveer honderd kilometer afstand omkeren omdat het geweld in Sirte weer oplaait. Dat meldt persbureau Reuters maandag.

Strijders voor de nieuwe Libische machthebbers, de Nationale Overgangsraad (NTC) openen maandag opnieuw het vuur op troepen die nog loyaal zijn aan het gevallen bewind.

Sirte is de geboorteplaats van Kaddafi en sinds de val van hoofdstad Tripoli eind augustus een van de laatste drie grote plaatsen waar de voormalige rebellen nog fors tegenstand wordt geboden. Volgens hulporganisaties is er in Sirte sprake van een humanitaire crisis.

Inwoners van de stad kunnen door het geweld geen kant op en de voorraden voedsel, water, brandstof en medicijnen raken op.

Sirte:


Grotere kaart weergeven

Schieten

Volgens een woordvoerder van de NTC-strijders slaagden zij er niet in het konvooi een veilige doorgang te bieden. “Wij begonnen niet met schieten, dat deden de milities van Kaddafi”, aldus de zegsman die zich aan het front bevindt.

Verslaggevers van het Britse Reuters ter plaatse kunnen dit echter niet bevestigen, zij zagen geen schoten afkomstig van de Kaddafi-getrouwen.

Volgens het Rode Kruis hebben meer dan 10.000 inwoners van Sirte de stad inmiddels verlaten in verband met het geweld.

Enkele duizenden mensen verblijven in een tentenkamp, enkele kilometers buiten de stad. Zij willen weer terugkeren naar Sirte zodra de situatie dat toelaat.

Alles over de onrust in het Midden-Oosten

Hulpverlening Sirte