TEHERAN - Ook Iran staat zondag stil bij de terreuraanslagen van 11 september 2001. In de ogen van president Mahmoud Ahmadinejad was 9/11 slechts ''een gecompliceerd spel, bedoeld om de mensheid op te hitsen en een smoes te vinden om Irak en Afghanistan te bezetten''.

Dat meldden Iraanse staatsmedia zondag.

Zij toonden zich even sceptisch als Ahmadinejad. Zo hield staatszender Press TV het erop dat de aanslagplegers ''naar verluidt'' lid waren van al-Qaeda.

Ahmadinejad heeft vaker openlijk getwijfeld aan de aanslagen. Zo suggereerde hij vorig jaar dat ''sommige onderdelen van de Amerikaanse regering de aanval in scène hebben gezet om de kwakkelende economie te stimuleren en de greep op het Midden-Oosten te vergroten, om zo het zionistische regime te redden''.

Hij deed dat in een toespraak voor de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties. Die werd uitgerekend in New York gehouden. Uit protest verlieten veel westerse diplomaten de zaal, onder wie de Nederlandse gezanten.

Pakistan

Ook in Pakistan werd de herdenking van zondag aangegrepen voor kritiek op de Verenigde Staten. Aanhangers van een islamistische politieke partij organiseerden anti-Amerikaanse protesten. Zo'n honderd betogers uitten in liederen en op spandoeken hun verdenkingen dat de Verenigde Staten zelf of Israël de hand in de aanslagen hadden.

In Multan en Karachi gingen enkele tientallen demonstranten de straat op. Zij protesteerden tegen de oorlog in Afghanistan. De betogingen waren georganiseerd door Jamat-e-Islami, de grootste islamistische partij van Pakistan. Jamat-e-Islami werft veelvuldig steun door in te spelen op anti-Amerikaanse sentimenten onder Pakistanen.