NEW YORK - De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties heeft woensdag het geweld tegen de Syrische bevolking en de wijdverbreide schendingen van mensenrechten veroordeeld.

Libanon, een van de 15 leden van de raad en een buurland van Syrië, distantieerde zich als enige van de verklaring. Die heeft een lagere status dan een resolutie.

Damascus heeft veel invloed in Libanon en het standpunt van de Libanese regering was derhalve weinig verrassend. In Syrië wordt sinds maart gedemonstreerd voor democratische hervormingen.

De veiligheidsdiensten van dictator Bashar al-Assad treden keihard op en doodden volgens schattingen al 1700 Syriërs, vooral vreedzame betogers.

Vetorecht

De Veiligheidsraad heeft het geweld in Syrië niet eerder veroordeeld. Rusland en China, landen met vetorecht in de Veiligheidsraad, waren tot op heden tegen een veroordeling omdat die volgens hen zou kunnen leiden tot een interventie als in Libië.

De verklaring rept niet van enige strafmaatregel tegen het Syrische regime. Er wordt ook niet gezinspeeld op dreigende sancties.

Geweld

In Syrië ging het geweld tegen burgers woensdag gewoon door. Volgens woordvoerders van mensenrechtenorganisaties, die de situatie in Syrië vanuit het buitenland in de gaten houden, was de centraal gelegen stad Hama opnieuw het toneel van beschietingen door tanks.

De bevolking, circa 800.000 mensen, wordt al dagen bestookt door het leger en de veiligheidsdiensten van Assad. Meer dan honderd personen zouden al om het leven zijn gebracht.

Tanks

De oostelijke stad Deir Ezzor zou ook zijn omsingeld door honderden tanks. Het leger zou van plan zijn om vrijdag een offensief te beginnen tegen de inwoners van deze stad.

Militairen zouden deze informatie hebben gelekt om burgers de kans te geven tijdig te vluchten.

Alles over de onrust in het Midden-Oosten in ons nieuwsdossier