OSLO - Vijf dagen nadat minstens 76 mensen in Noorwegen om het leven kwamen door een dubbele terreuraanslag, geeft de Noorse politie toe door geldgebrek niet altijd snel te kunnen reageren op incidenten direct buiten de hoofdstad.

Na veel kritiek in de afgelopen dagen erkende Anstein Gjengedal, de chef van het politiedistrict Oslo, woensdag tegen de publieke omroep NRK dat de operationele inzet lijdt onder de geslonken budgetten.

''We hebben vandaag niet langer de capaciteit die we enige jaren geleden hadden.''

Luchtsteun

Politionele luchtsteun, volgens experts essentieel om in een groot land met weinig politiedichtheid toch snel ter plekke te zijn, ontbrak vrijdag geheel. De enige politiehelikopter van Noorwegen was niet luchtwaardig.

Doordat er geen geld was voor reserveonderdelen en voldoende bemanning, daalde de inzetbaarheid van het toestel tussen 2006 en 2010 van 24 naar minder dan 18 uur per dag, zo bleek uit een intern politierapport. Een reservehelikopter werd vorig jaar wegbezuinigd.

Extra dienders

De Noorse regering reageerde woensdag snel op de kritiek door de politie van het land per direct circa 3 miljoen euro (20 miljoen kroon) extra te geven. Het geld is bedoeld om honderd nieuwe agenten in dienst te nemen, 95 in Oslo en 5 in Nordre Buskerud waar het eiland Utoya ligt.

''Geld moet niet in de weg staan van het politiewerk'', aldus de minister van Justitie Knut Storberget. Over tien jaar moeten er 2700 nieuwe dienders bij zijn gekomen, ruim twee extra per duizend inwoners.