BERLIJN - De slagkracht van de Taliban in het noorden van Afghanistan wordt door het Duitse leger hoger ingeschat dan naar buiten toe wordt gemeld.

Dat meldde het blad Bild donderdag op basis van interne documenten van het leger.

Minister van Defensie Thomas de Maizière zei begin juni na een zware aanslag op een Duits pantservoertuig in de provincie Baghlan dat de Taliban in het noorden ''zo veel terrein hebben verloren dat ze moeten teruggrijpen op de slinkse middelen van terreur en aanslagen met springstof''.

Analisten van het Duitse leger spreken volgens Bild echter van een ''bewuste verandering van strategie''. Volgens hen zijn de Taliban op geen enkele wijze uitgeroeid en nog net zo aanwezig als voorheen.

Aanslagen

In de documenten van de Bundeswehr staat ook dat een toename van de aanslagen op Duitse soldaten ''als waarschijnlijk wordt beoordeeld''.

De grootste dreiging komt volgens het rapport van bermbommen. Het Duitse leger vermoedt verder dat ''hogere kringen'' binnen de Afghaanse inlichtingendienst NDS begin juni hebben geweten dat er een aanslag ophanden was, maar dat die informatie niet werd gedeeld.

Bom

De aanslag op 2 juni op een pantservoertuig van het type Marder kostte een militair het leven terwijl vijf anderen zwaargewond raakten. De zware bom sloeg een krater van 7 bij 11 meter en 4 meter diep.

Nederlandse militairen en politiemensen gaan in de noordelijke provincie Kunduz deelnemen aan een politietrainingsmissie. Woensdag kwamen de eerste militairen aan.