BOEDAPEST - Ongeveer veertigduizend mensen zijn zaterdag in de Hongaarse hoofdstad Boedapest de straat opgegaan om te betogen tegen het financiële saneringsbeleid van de EU. Dat meldden de Europese vakbonden, die de betoging organiseren.

De demonstranten van 45 vakbonden uit 22 landen liepen door het centrum van de stad, terwijl in het nabijgelegen Gödöllö de EU-ministers van Financiën vergaderden. De betogers droegen borden bij zich met teksten als ''geen bezuinigingen'' en eisten ''eerlijke betaling en banen''.

Volgens de vakbonden leidt de EU-politiek tot ingrepen in lonen en pensioenen en worden de zwaksten gestraft voor de economische crisis.

''We willen banen, groei en het intact houden van de welvaartsstaat. En we zullen niet betalen voor de fouten van de bankiers'', aldus vakbondsleider John Monks.

Forse bezuinigingen

De EU dwingt de lidstaten tot forse bezuinigingen en meer economische coördinatie. Dat beleid moet voorkomen dat opnieuw eurolanden in een schuldencrisis belanden. Griekenland en Ierland moesten eerder al geholpen worden met noodleningen.

Ook Portugal wil een beroep doen op het noodfonds voor de euro. De ministers van Financiën hebben daarvoor vrijdag de procedure in gang gezet.

Goede manier

Minister Jan Kees de Jager van Financiën zei in de marge van het beraad in Gödöllö dat bezuinigen wel degelijk de goede manier is om uit de crisis te komen.

Volgens de minister hoeven de vakbonden niet bang te zijn voor ''een loondictaat uit Brussel''. Het maken van loonafspraken blijft een zaak van de sociale partners in de lidstaten.