DEN HAAG/ABIDJAN - De door de internationale gemeenschap erkende president van Ivoorkust, Alassane Ouattara, heeft de bevoegdheid van het Internationaal Strafhof (ICC) erkend om mogelijke misdaden tijdens het politieke geweld in het West-Afrikaanse land te onderzoeken.

Dat heeft ICC-hoofdaanklager Luis Moreno Ocampo woensdag laten weten.

Ouattara heeft ook informatie naar Den Haag gestuurd. Moreno is ''erg bezorgd'' over de situatie in Ivoorkust en onderzoekt berichten over massaslachtingen.

Bloedige strijd

In Ivoorkust woedt al maanden een bloedige strijd tussen Ouattara en zittend president Laurent Gbagbo, die weigert het pluche van de macht op te geven. Er zijn berichten over massagraven en honderden, misschien zelfs duizenden doden.

Ivoorkust is niet aangesloten bij het ICC. Het is het enige land dat van de mogelijkheid gebruik heeft gemaakt om toch voor bepaalde misdaden de bevoegdheid van het hof te aanvaarden.

Gbagbo deed dat enkele jaren in een zaak waar verder niets over is gepubliceerd. Door de brief van Ouattara is verduidelijkt dat het ICC ook bevoegd is voor recente misdrijven. De kampen van Gbagbo en Ouattara beschuldigen elkaar over en weer van gruweldaden.

Onderhandelen

De Verenigde Naties meldden woensdagmiddag dat Gbagbo over zijn overgave zou onderhandelen. Dat meldden de VN dinsdag ook al, maar Gbagbo zelf zei later dat de gesprekken alleen over een staakt-het-vuren gingen.

Dat wordt in Abidjan, de economische hoofdstad van het land, op hoofdlijnen in acht genomen. Wel zijn er gewelddadige jeugdbendes actief. De bevolking profiteert van de relatieve luwte om te proberen aan water en voedsel te komen.