TEHERAN - Nederland steunt terroristen die verantwoordelijk zijn voor de dood van meer dan twaalfduizend mensen en maakt een mensenrechtenkwestie van een onverdedigbare drugszaak.

Dat zei woordvoerder Ramin Mehmanparast van het Iraanse ministerie van Buitenlandse Zaken dinsdag.

De woordvoerder bekritiseerde Nederland in het kader van de diplomatieke onenigheid over de executie eind januari van de Nederlandse Zahra Bahrami. De 46-jarige vrouw van Iraanse komaf is in Iran wegens drugssmokkel geëxecuteerd.

Het vonnis werd zonder aankondiging voltrokken en het stoffelijk overschot werd niet aan de nabestaanden overgedragen.

Regime

Mehmanparast doelde op groepen die gewapenderhand het Iraanse regime willen omverwerpen. Zo stelt Teheran dat de leden van de radicale groep Mujahedin-e Khalq terroristen zijn. Veel leden wonen in West-Europa. In de VS staat de Mudjahedin-e Khalq op de lijst van terroristische groepen.

De woordvoerder beklemtoonde dat de zaak Bahrami niets met mensenrechten te maken heeft. Haar aanhouding had ook niets uit te staan met betogingen in 2009 tegen de Iraanse regering.

Hij betreurde ''de onverantwoordelijke uitspraken van Nederlandse diplomaten'' over deze zaak, aldus de staatszender PressTV. Nederland heeft van de drugszaak een mensenrechtenkwestie gemaakt om politieke druk op Iran uit te kunnen oefenen, meent Mehmanparast.

Heterdaad

''Bahrami werd op heterdaad betrapt bij het smokkelen van drugs.'' Ze had volgens de woordvoerder in haar woning 450 gram cocaïne en 420 gram opium liggen.

Ze is ook beschuldigd van het vervalsen van officiële documenten en lidmaatschap van de Tondar of de Monarchistische Vereniging van Iran. Die pleegde in april 2008 in Shiraz een bomaanslag, waarbij veertien mensen om het leven kwamen.

Rosenthal

Minister Uri Rosenthal (Buitenlandse Zaken) wil op dit moment niet meer veel zeggen over de relatie met Iran. ''Het is voor hun rekening. Ik heb er het mijne over gezegd'', zei Rosenthal dinsdag in Tel Aviv in Israël waar hij op bezoek is.

Rosenthal, deze week op rondreis door het Midden-Oosten, sprak maandagavond van een gespannen diplomatieke relatie met Iran. Hij heeft de Nederlandse ambassadeur in Iran teruggeroepen voor overleg. Maandag werd ook de Iraanse ambassadeur in Nederland twee keer op het matje geroepen, maar bij het tweede gesprek liet hij verstek gaan.

'Geen greintje humaniteit'

CDA-Kamerlid Henk Jan Ormel vindt Iran een rookgordijn wil plaatsen en wil verdoezelen dat het de mensenrechten ernstig heeft geschonden in de zaak rond Bahrami. Ormel wees op onvolkomenheden bij de rechtsgang van Bahrami, dat er geen doodsoorzaak is vastgesteld en dat nabestaanden niet over haar lichaam mochten beschikken na haar dood.

''Ze hebben geen greintje humaniteit getoond. Autoriteiten die dit doen, moeten eerst de hand in eigen boezem steken'', aldus het Kamerlid.

Volgens het Kamerlid vinden er talloze executies plaats in Iran, zo'n drie per dag. ''Dit moet Nederland aanhangig maken bij de VN Mensenrechtenraad en bij het Internationale Strafhof.'' Een voorstel hierover komt later dinsdag in stemming.

Dat Nederland die acties onderneemt, is volgens Ormel belangrijker dan te reageren op de uitspraken van Mehmanparast. ''Dit is een oprisping van een angstig regime.''