WASHINGTON - Het plan voor de wereldwijde bescherming van haaien, dat tien jaar geleden met veel bombarie werd gelanceerd, is uitgedraaid op een mislukking.

Jaarlijks worden 73 miljoen van deze roofdieren het slachtoffer van overbevissing. Ze worden gedood vanwege hun vinnen, die het belangrijkste ingrediënt vormen in haaienvinnensoep, die vooral populair is in Oost-Azië.

Dat staat in een rapport dat donderdag is gepubliceerd. Het document is opgesteld door Traffic, een organisatie die toezicht houdt op de internationale handel in wilde dieren, en het onderzoeksbureau Pew Environment Group.

Zij wijzen erop dat slechts dertien van de twintig landen die de meeste haaien vangen, zich aan de afspraken hebben gehouden en nationale plannen hebben opgesteld om deze dieren te beschermen.

Deze twintig landen zijn samen goed voor 80 procent van alle haaienvangsten.

Plan

In 2001 nam de VN-organisatie voor landbouw en voedsel FAO een plan aan, dat moest leiden tot een betere bescherming van de haai.

Volgende week komt de Visserijcommissie van de FAO in Rome bijeen voor een evaluatie van het tien jaar oude plan.

Indonesië

Volgens het donderdag gepubliceerde rapport is Indonesië de grootste boosdoener wat betreft het vangen van haaien.

Indonesische vissers zijn verantwoordelijk voor de dood van 13 procent van alle gevangen haaien. India is tweede met 9 procent, gevolgd door Spanje (7,3 procent) en Taiwan (5,8 procent).

Op dit moment hebben drie op de tien haaiensoorten een bedreigde status.