HAIFA/TEL AVIV - De bosbrand die Israël vier dagen lang heeft geteisterd, is zondagmiddag onder controle gebracht. Dit heeft de brandweer van de Joodse staat laten weten.

De grootste brand in de geschiedenis van Israël heeft aan 41 mensen het leven gekost. Meer dan 17.000 mensen moesten vluchten voor de vlammen.

Volgens de brandweer zijn er geen grotere brandhaarden meer. Het is nu haar belangrijkste taak ervoor te zorgen dat de vlammen niet opnieuw oplaaien in het gebied rond de Carmelheuvel in het noorden van Israël, aldus brandweercommandant Shimon Romah.

Schatting

Daar hebben de brandweerlieden naar schatting nog wel een paar dagen werk aan.

De duizenden mensen die noodgedwongen hun huizen moesten verlaten, mogen de komende dagen terugkeren. Premier Benjamin Netanyahu heeft beloofd het getroffen gebied snel te herbouwen. Hij heeft voor de eerste noodhulp ruim 12 miljoen euro toegezegd.

Blusvliegtuigen uit diverse landen hielpen bij de bestrijding van de brand. Het tij leek te keren toen een Boeing 747 supertanker zondag begon met blussen. Dit grootste blusvliegtuig ter wereld werd gehuurd van de Verenigde Staten en kan per keer 76.000 liter water over een brand uitstorten. Netanyahu zei daarop geen buitenlandse blusvliegtuigen meer nodig te hebben.

Toestellen

In totaal stelden zestien landen hulp beschikbaar. Ook Nederland stuurde blushelikopters, maar die waren zondag nog niet aangekomen. De toestellen keren terug, omdat ze bij aankomst overbodig zullen zijn. De Palestijnse Autoriteit stuurde brandweerlieden vanaf de Westelijke Jordaanoever. De Hamasbeweging daarentegen, die het in de Gazastrook voor het zeggen heeft, noemde de brand een ''goddelijke straf'' voor Israël.

De brand ontstond volgens de resultaten van voorlopig onderzoek door onachtzaamheid. Vrijdag werden twee tieners opgepakt. Mogelijk hebben zij hun kampvuur niet goed geblust.