WASHINGTON - De Amerikaanse regering heeft woensdag (lokale tijd) de politieke leiders in Irak geprezen omdat zij er na acht maanden in zouden zijn geslaagd een regering te vormen.

Daarin zou het seculier georiënteerde blok Iraqiya van oud-premier Iyad Allawi gaan samenwerken met de partijenbond Rechtsstaat van huidig premier Nuri al-Maliki.

''De kennelijke overeenkomst om een alomvattende regering te formeren is een grote stap voorwaarts voor Irak'', zo meldde Anthony Blinken, de adviseur voor nationale veiligheid van de Amerikaanse vice-president Joe Biden, in een verklaring.

Machtsmisbruik

''De leiders in Irak hebben onderhandeld en zijn het blijkbaar eens geworden over een omvangrijke herverdeling van macht, die echte controle mogelijk maakt en voorkomt dat een groep zich schuldig kan maken aan machtsmisbruik''.

Sinds de parlementsverkiezingen van 7 maart verkeert Irak in een politieke impasse. Iraqiya kreeg twee zetels meer dan Rechtsstaat, maar beide blokken slaagden er tot nog toe niet in om voldoende steun van andere partijen of allianties te vergaren om een nieuwe regering te vormen.

Al-Maliki

In de afgelopen dagen kwam er eindelijk schot in de zaak. Zondag liet een woordvoerder van Al-Maliki weten dat er zicht was op de vorming van een coalitieregering. Al-Maliki zou kunnen aanblijven als premier en de Koerdische politicus Jalal Talabani zou president van Irak kunnen blijven.

De grootste partij van het land, het Iraqiyablok van oud-premier Iyad Allawi, zou de parlementsvoorzitter mogen leveren.

Een dag later wekten de Iraakse leiders niet de indruk dat ze bereid zijn tot compromissen. Allawi zei dat er een regering moet komen die uitdrukking geeft aan de uitslag van de verkiezingen. Volgens Allawi trok Al-Maliki te veel macht naar zich toe. Andere deelnemers aan het overleg stelden dat er nog grote problemen moesten worden opgelost voordat een akkoord kon worden gesloten.

Iraqiya

Nu lijkt de lucht tussen de belangrijkste politieke blokken alsnog geklaard. Iraqiya zou niet alleen de voorzitter van het parlement, maar ook de ministers van Buitenlandse Zaken, Defensie en Economische Zaken mogen leveren. Het is nog onduidelijk welke politici deze posten gaan bezetten.