AMSTERDAM - Het parlement van Kosovo heeft dinsdag de regering van premier Hashim Thaci naar huis gestuurd. Daarmee is de weg vrijgemaakt voor nieuwe verkiezingen, die waarschijnlijk half december gehouden worden.

De regering viel door een motie van wantrouwen, die in het 120 zetels tellende parlement met 66 stemmen tegen 1 werd aangenomen.

Eerder besloot de grootste coalitiepartner, de Democatische Liga van Kosovo, de samenwerking met de Democratische Partij van Thaci te verbreken en zich uit de regering terug te trekken.

De samenwerking tussen de twee partijen na de onafhankelijkheidsverklaring in 2008 verliep de laatste tijd steeds stroever. Dat er vervroegde verkiezingen komen noemde Thaci 'een versterking van onze democratie en een nieuw begin'.

Crisis

Volgens Thaci brengt de politieke crisis de door de Europese Unie ondersteunde toenaderingsgesprekken tussen Kosovo en Servië niet in gevaar. Belgrado blijft onder andere de soevereiniteit van zijn voormalige provincie betwisten.

"Dit zal onder geen beding gevolgen hebben voor de wederzijdse agenda die tussen Pristina, Brussel, Washington en Belgrado is opgesteld", zei Thaci.