AMSTERDAM - Olieconcern BP neemt in een rapport dat woensdag verschijnt de schuld van de olieramp in de Golf van Mexico gedeeltelijk op zich, maar schuift ook een deel af op andere bedrijven. 

Dat meldt de Wall Street Journal op basis van een bron die bekend is met de situatie.

BP publiceert naar verwachting om 13.00 uur een lijvig rapport met de uitkomsten van een intern onderzoek. Het is onbekend hoeveel van de schuld het concern precies op zich zal nemen, maar duidelijk is dat BP zich voorbereidt op een juridisch steekspel.

Als het Britse bedrijf een te groot deel van de schuld op zich neemt, kan het te maken krijgen met een grotere aansprakelijkheid en de daarbij behorende schadeclaims. Een te klein deel kan tot gevolg hebben dat het concern ervan beschuldigd wordt de verantwoordelijkheid te willen ontlopen.

Moddergooien

Volgens de zakenkrant is het niet zonder gevaar andere bedrijven een deel van de schuld in de schoenen te schuiven. Dit zou kunnen uitlopen in een potje moddergooien, wat ook BP zelf schade zou berokkenen.

Andere bedrijven die betrokken waren bij het booreiland, zijn eigenaar Transocean en het bedrijf Halliburton, dat het cementwerk waarop Deepwater Horzizon stond heeft geleverd. Transocean blijkt geplande onderhoudswerken te hebben uitgesteld en BP heeft al toegegeven verschillende waarschuwingssignalen te hebben genegeerd.

Explosie

Het rapport, dat zo'n 200 pagina's zal tellen, wordt opgesteld door de chef veiligheid en operaties van BP. Bij een explosie op het booreiland Deepwater Horzion op 20 april kwamen elf medewerkers om. Bovendien veroorzaakte de ramp de grootste olievervuiling in de Amerikaanse geschiedenis.

Het concern heeft al miljarden gepompt in de bestrijding en gevolgen van de ramp. BP wordt ervan beschuldigd te laks omgesprongen te zijn met veiligheidsvoorschriften.