CHRISTCHURCH - In de Nieuw-Zeelandse stad Christchurch en het nabijgelegen Kaiapoi is een uitgaansverbod van kracht in de eerste nacht na de verwoestende aardbeving.

De politie, die versterking heeft gekregen van tachtig agenten uit het noordelijke Auckland, liet weten dat de mensen niet de straat op mogen van 19.00 uur 's avonds tot 07.00 uur 's morgens.

De maatregel beoogt vooral te voorkomen dat mensen het slachtoffer worden van vallend puin. Twee mensen zijn zaterdag zwaargewond geraakt door vallend glas en steen.

Christchurch, met 370.000 inwoners de grootste stad op het Zuidereiland en de tweede stad van het land, werd zaterdagmorgen getroffen door een aardbeving met een kracht van 7,1 op de schaal van Richter.

Het epicentrum was ongeveer 30 kilometer ten westen van deze stad, die 300 kilometer ten zuidwesten van de hoofdstad Wellington ligt.

Oorlogszone

De stroom- en watervoorziening zijn uitgevallen. De schade is enorm, vooral in het centrum van Christchurch, meldde de website van de krant de New Zealand Herald.

Op de website wordt betreurd dat vooral leuke oude bakstenen huizen zwaar getroffen zijn. Het centrum van Christchurch wordt omschreven als ''een oorlogszone'' of ''een spookstad''.

Reddingswerkers

De autoriteiten hebben ook militairen en veertig gespecialiseerde reddingswerkers met hun drie speurhonden naar de stad gestuurd. Ze doorzoeken het puin om er zeker van te zijn dat de beving inderdaad geen levens heeft geëist.

De Nieuw-Zeelandse minister van Rampenbestrijding, John Carter, toonde zich na de aardbeving opgelucht. ''Ik denk dat we heel blij mogen zijn dat er geen doden zijn gevallen. Gezegend zelfs'', zei Carter.