DEN HAAG - De Samenwerkende Hulporganisaties (SHO) hebben in de eerste periode, tweeënhalve maand na de aardbeving in Haïti, 14,4 miljoen euro daadwerkelijk besteed aan noodhulp.

Het meeste geld, ruim 7,5 miljoen euro, is in die periode van 13 januari tot en met 31 maart gebruikt om mensen een nieuw onderdak te bieden.

Dat staat in de eerste kwartaalrapportage die de SHO dinsdag heeft gepresenteerd.

Organisaties

De tien organisaties die spullen voor onderdak aanboden bereikten daar ruim 550.000 Haïtianen mee.

Zij kregen tenten, zeilen en andere tijdelijke behuizing, dekens en slaapspullen.

Aan voedsel werd 1,6 miljoen euro uitgegeven, aan gezondheidszorg ruim 400.000 euro, aan water en sanitaire voorzieningen 1,6 miljoen euro, aan levensonderhoud meer dan 600.000 euro, aan onderwijs bijna 500.000 euro en bescherming ruim 340.000 euro.

Rampenmanagement

Ook werd in de eerste drie maanden bijna 300.000 euro uitgegeven aan rampenmanagement, zoals trainingen, personeel voor registratie van vermiste personen en kampbestuur.

Het programmamanagement kostte in totaal 1,3 miljoen euro. Daaronder vallen kosten als het opzetten van kantoren, beveiliging, huur van auto's en administratieve ondersteuning.

Aardbeving

Haïti werd 12 januari getroffen door een allesverwoestende aardbeving.

Daarbij kwamen naar schatting 230.000 mensen om het leven, raakten tussen de 1,3 en 1,7 miljoen mensen dakloos en ruim 800.000 gehandicapt.

In Nederland werd in totaal ruim 111 miljoen euro opgehaald, onder meer via een speciale televisieactie.

Het publiek doneerde ruim 69 miljoen en daar deed de overheid nog eens ruim 41 miljoen bij.