BRUSSEL - Jeruzalem zou de hoofdstad moeten zijn van zowel Israël als van een toekomstige Palestijnse staat, vinden minister Maxime Verhagen (Buitenlandse Zaken) en zijn collega's van 26 andere EU-landen.

De ministers hebben dat dinsdag gesteld in een gezamenlijke verklaring, meldde minister Verhagen na EU-beraad. De ministers roepen op tot onderhandelingen over Jeruzalem om zo de vrede te bevorderen.

De status van Jeruzalem, dat voor drie geloven een heilige stad is, is een gevoelige zaak voor Israël. Dat land beschouwt Jeruzalem als zijn ondeelbare hoofdstad. Maar Palestijnen willen dat het oostelijk deel van de stad de hoofdstad van hun toekomstige staat wordt.

Positief

Zowel Israël als de Palestijnen reageerden positief op het EU-standpunt. Israël is vooral blij dat de EU afzag van een eerdere ontwerptekst, die specifiek Oost-Jeruzalem aanwees als Palestijnse hoofdstad.

Die tekst was voor Israël te provocerend. De Palestijnen spreken over een positieve stap, hoewel ze op de sterkere eerdere ontwerptekst hadden gehoopt.

Verhagen sprak over ''een goede tekst''. Hij wees erop dat de EU-landen ''een duidelijke eenheid'' vertonen met hun standpunt over Jeruzalem.

Bouwstop

De ministers van de Europese Unie, de grootste donor van de Palestijnen, stelden verder dat Israëls gedeeltelijke bouwstop van nederzettingen een onvoldoende, maar positieve stap is. ''Maar het is ook niet goed dat de Palestijnen dit direct van tafel vegen'', zei Verhagen.

De PvdA in de Tweede Kamer vindt de verklaring ''hartstikke goed''. Kamerlid Martijn van Dam van die partij stelt dat dit een duidelijk signaal naar Israël is om in ieder geval op te houden met de kolonisering van het oosten van Jeruzalem.

Als Israël toch doorgaat met de uitbreiding van nederzettingen en Palestijnen wegjaagt, dan moet de EU wat hem betreft diplomatieke en handelssancties nemen.

Voordewind

Kamerlid Joël Voordewind (ChristenUnie) reageert juist afwijzend. Hij vraagt zich af of Verhagen de weg kwijt is. In zijn ogen leest de minister Israël opeens eenzijdig de les door nieuwe voorwaarden te stellen aan de hervatting van het vredesoverleg.

Voordewind vindt dat er eerst een vredeswil moet zijn: ''Die ontbreekt bij Hamas en is ook nauwelijks bij Fatah te vinden.''