DEN HAAG - De ex-president van de Serviërs in Bosnië-Herzegovina, Radovan Karadzic, bestrijdt in een maandag gepubliceerde uiteenzetting de juridische basis van het Internationale Tribunaal voor Voormalig Joegoslavië in Den Haag.

Karadzic stelt dat het Joegoslavië-Tribunaal elke legitimiteit mist. Het tribunaal werd in de gauwigheid in 1993 in het leven geroepen door de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, een politiek en geen juridisch orgaan van de VN.

De raad had geen enkel recht dat te doen volgens Karadzic. Bovendien moest het tribunaal zijn eigen kader van regels scheppen.

Onafhankelijk

Het opstellen daarvan is aan de opgetrommelde rechters en aanklagers zelf overgelaten. Daarmee handelt het tribunaal volkomen in strijd met het algemeen aanvaarde beginsel dat verdachten recht hebben te worden gehoord door een capabele, onafhankelijke en onpartijdige rechtbank die stoelt op de wet.

 Dat is bij het Joegoslavië-Tribunaal volgens Karadzic niet het geval. Hij wees erop dat de eerste president van het tribunaal, Antonio Cassese, daarom terecht in 1995 opmerkte ''dat het maken van regels voor het tribunaal een uitdaging was die geen internationaal precedent kende''.

Karadzic beaamt dat, want tot die tijd was in een beschaafd land de rechter of aanklager nooit tegelijkertijd wetgever.

Srebrenica

Karadzic wordt beschuldigd van onder meer verantwoordelijkheid voor volkerenmoord bij Srebrenica gepleegd in 1995 en oorlogsmisdaden. De in juni 1945 geboren Bosnische psychiater was van 1992 tot 1996 politiek leider van de Serviërs in Bosnië die zich in de burgeroorlog (1992-1995) tegen afscheiding van Bosnië verzetten.

Karadzic werd tijdens de oorlog door het nieuwe Joegoslavië-Tribunaal beschuldigd. Maar hij werd pas in juli 2008 bij Belgrado gearresteerd.

Voorbereidingstijd

Karadzic wil zichzelf verdedigen en eiste daarvoor meer voorbereidingstijd. Hij boycotte daarom rechtzittingen aan het begin van zijn proces in oktober.

Maar het tribunaal wees Karadzic 5 november een advocaat toe om zonder hem verder te kunnen gaan. Het proces moet 1 maart worden hervat.