CONAKRY - Militairen hebben in het West-Afrikaanse land Guinee eind september zeker honderd vrouwen verkracht. Dat meldde mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch donderdag op basis van gesprekken met slachtoffers.

Vorige maand vielen in Conakry zeker 157 doden toen het leger begon te schieten op een bijeenkomst van de oppositie in een voetbalstadion. Meteen daarna kwamen berichten naar buiten over massale verkrachtingen.

Het bleef tot nu toe onduidelijk hoeveel vrouwen slachtoffer zijn geworden. ''We hebben honderd gevallen van verkrachting gedocumenteerd'', aldus Thierno Maadjou Sow van Human Rights Watch in Guinee.

''Deze zijn gepleegd op 28 september en de twee daaropvolgende dagen. Onder de slachtoffers zijn schoolkinderen, studenten, zakenvrouwen, leraressen en journalisten''

Sommige slachtoffers lieten weten verkracht te zijn met de loop van een geweer of met een bajonet. Ook zouden er vrouwen uit klinieken zijn ontvoerd, waarna ze dagenlang werden misbruikt, aldus de organisatie.

Drie leden van een VN-commissie zijn in Guinee om onderzoek te doen naar het bloedbad. Ze blijven tot 4 december en zullen onder meer praten met juntaleider Moussa Dadis Camara (foto). Camara zou zelf opdracht hebben gegeven tot de schietpartij in het stadion.