De man die wordt verdacht van de moord op de Britse politica Jo Cox, Thomas Mair, gaat tijdens het proces geen verklaring afleggen. Hij weigert ook mee te werken aan zijn eigen verdediging.

Dat bleek dinsdag tijdens een zitting in de rechtbank in Londen.

Eerder wilde Mair ook al niets zeggen tijdens de eerdere sessies in de rechtbank. Hij wilde zijn naam niet eens bevestigen en weigerde de vraag te beantwoorden of hij zelf vindt dat hij onschuldig is of niet.

De verdachte wil tijdens de zaak ook geen bewijs presenteren van zijn onschuld, liet zijn advocaat dinsdag weten. De inhoudelijke behandeling van het proces is vorige week maandag begonnen.

Tientallen getuigen

De 53-jarige Mair schoot de 41-jarige moeder van twee kinderen een week voor het referendum over de brexit neer en ging haar met een mes te lijf. Cox voerde campagne tegen het vertrek van het Verenigd Koninkrijk uit de EU. Van de moord zijn beelden gemaakt en er waren tientallen getuigen op de plaats delict aanwezig.

Mair wordt door het OM beschuldigd van de moord op Cox en het toebrengen van ernstig lichamelijk letsel bij Bernard Carter-Kenny, die probeerde de politica te helpen. Het OM heeft de verdachte ook het bezit van een vuurwapen en een dolk ten laste gelegd.

Ku Klux Klan

Bij Mair thuis werden documenten gevonden over onder andere nazi-Duitsland en schietpartijen en liquidaties. Ook zou hij informatie hebben opgezocht over de Ku Klux Klan en de Waffen SS. "Thomas Mair had overduidelijk overtuigingen die een motief vormen, uiteraard totaal verkeerd, om te moorden", aldus de aanklager Richard Whittam.

Diverse getuigen zouden hebben gehoord dat Mair na zijn daad "Britain first" bleef roepen.