Tegen een man uit Breda met een wietkwekerij was 200 dagen cel, waarvan 112 voorwaardelijk, en een taakstraf van 200 uur geëist. De rechtbank in Breda vindt echter dat de man een jaar celstraf moet krijgen, waarvan de helft voorwaardelijk.

Die straf betekent dat de man nog ruim drie maanden terug de gevangenis in moet. Hij zat 88 dagen in voorarrest.

De rechtbank oordeelde echter vooral over het bezit van een kalasjnikov. Omdat de verdachte bovendien al een strafblad had en hij ook nog munitie en een wietkwekerij met 117 planten had, is de straf hoger uitgevallen dan de eis van de officier van justitie.

De man liep in augustus 2018 tegen de lamp toen de politie zijn kwekerij kwam leeghalen. Tussen de planten stuitten ze op het machinegeweer. De man zei dat hij met de wietkwekerij was begonnen omdat hij schulden had.

Justitie berekende dat de man met de wiet ongeveer 24.000 euro moet hebben verdiend. De officier van justitie wil dat geld via een aparte procedure terughalen.