De sportclubs in Breda hebben tot nu toe geen gebruik gemaakt van het hulppakket van 250.000 euro. De coronapot die de gemeente had vrijgemaakt is nog volledig gevuld.

"Er is geen cent uit", meldt wethouder Daan Quaars (VVD, sport). Maar er zijn nu wel verontrustende signalen.

Of het nou om voetbal, hockey of andere sport gaat: "We krijgen eerste berichten van een paar clubs die in problemen komen als dit nog veel langer gaat duren." De wethouder voert dan ook intensief (tweewekelijks) overleg met alle voorzitters. Samen moeten we dit oplossen.'

Het seizoen ging van maart tot in augustus op slot om daarna de ‘velden’ voorzichtig weer te openen. De pot moest lucht geven aan clubs die in financiële problemen komen, de huur van gemeentelijke sportaccommodaties is tijdelijk kwijtgescholden. Wat gebeurt er na 30 september als de noodhulp afloopt, Quaars: "Als college kijken we daarnaar. Ik ga er vanuit dat we dit budget meenemen het seizoen in."

Het is volgens Quaars vooralsnog niet nodig het bedrag te verhogen. De wethouder zegt in te zetten op ‘slimme maatregelen’ om de crisis het hoofd te bieden. De binnenruimtes op de sportclubs worden door de RIVM-richtlijnen, zoals de anderhalvemeter afstand, niet of nauwelijks meer gebruikt; kantines, douches, kleedkamers. Alles gebeurt zoveel mogelijk in de buitenlucht.

Tenten plaatsen

De wethouder: "Het is nu nog buiten op de terrassen een koffie, biertje of broodje doen. Maar met kou en regen wordt het lastig. We zoeken naar mogelijkheden om als club toch omzet te kunnen maken. Dan zijn er vierkante meters nodig. We denken bijvoorbeeld aan het plaatsen van tenten."

Tenten moeten wel aan voorwaarden voldoen en aan drie zijden open zijn. "We zijn erover met de clubs in gesprek. Leuk, maar ook uitdagend. Het is best ingewikkeld. Ik ben hartstikke trots op wat de clubs laten zien, hoe ze het allemaal georganiseerd krijgen. Op dit moment kan iedereen weer sporten. Dat is toch maar mooi gedaan."