Breda heeft zich officieel bij de minister gemeld voor deelname aan het experiment gesloten coffeeshopketen. Dat meldt burgemeester Paul Depla maandag in een brief aan de Bredase gemeenteraad.

Depla heeft de stad aangemeld "gelet op de herhaaldelijke steunbetuigingen vanuit de gemeenteraad aan het experiment." Volgens Depla zijn er nog openstaande vragen.

"In het bijzonder de vraag of de aan het landelijke experiment deelnemende gemeenten kunnen rekenen op compensatie vanuit het rijk voor de mogelijke risico's en bijstand bij het aanpakken van eventuele ongewenste neveneffecten."

In de brief geeft de burgemeester aan 'voldoende vertrouwen' te hebben dat op deze vragen een bevredigend antwoord komt.

Commissie in gesprek met gemeenten en geeft advies

Of het daadwerkelijk tot een pilot in Breda komt waarbij op gereguleerde wijze wiet wordt gekweekt voor verkoop in coffeeshops, hangt af van het oordeel van de commissie Knottnerus. Deze commissie voert nog gesprekken met alle gemeenten die zich hebben aangemeld en brengt vervolgens advies uit aan het kabinet. Mocht Breda geselecteerd worden, maar ziet de stad zelf teveel risico's, dan kan de kandidatuur nog worden ingetrokken.

Depla voerde eind april gesprekken met coffeeshophouders over de mogelijke gevolgen voor de Bredase shops. In het gesprek gaven de coffeeshophouders aan veel onzekerheden te zien en daarmee bedrijfsrisico's. Zij vragen zich af of de gereguleerde gekweekte wiet qua prijs concurrerend kan zijn en wat voor effecten dat heeft voor eventuele straathandel. Ook vrezen zij daarop aangekeken te worden.

Een proef met gereguleerde wietteelt moet het systeem van gedogen aanpakken. Nu kopen coffeeshops noodgedwongen illegaal in, terwijl de verkoop gedoogd wordt. Daarmee faciliteert de overheid feitelijke crimineel handelen.