De crisisnoodopvang van 196 vluchtelingen die in september in het Racketcentrum heeft Breda 142.000 euro gekost. Daarvan krijgt Breda 89.000 euro terug van het Rijk, waardoor de uiteindelijke kosten uitkomen op 53.000 euro.

Dat heeft burgemeester Paul Depla donderdagavond gezegd in de raadsvergadering, nadat Cees van der Horst (Fractie BOB) helderheid vroeg over de kosten van die opvang. Op 27 september werd Breda gevraagd op met spoed 250 vluchtelingen op te vangen.

Daarvoor werd het Optisport Racketcentrum aan de Terheijdenseweg gebruikt. De vluchtelingen zouden in eerste instantie drie nachten blijven, maar werden uiteindelijk op vrijdag, na vier nachten, naar een andere crisisnoodopvang gebracht.

Aanvankelijke was er irritatie bij Van der Horst, die al eerder vragen had gesteld over de kosten van de opvang. Hij vond de beantwoording vaag en liet dat merken aan burgemeester Depla. "Toen waren sommige dingen ook nog onduidelijk", verklaarde Depla in respons. "We wisten wel hoe duur het was, maar waren nog aan het onderhandelen."

Die onderhandeling ging over nieuwe afspraken over de vergoeding die een gemeente van het Rijk kan krijgen bij crisisnoodopvang. Een gemeente kan nu 100 euro vergoeding per persoon per nacht krijgen. De rest van de kosten blijft bij de gemeente liggen.

Bewaking

De grootste kostenpost voor de crisisopvang was bewaking: 24.000 euro. Daarop volgde eten en drinken (34.000 euro), afschermingen in de slaapzalen (23.500 euro), huur van de accommodatie (25.000 euro) en tolken (10.000 euro). De totale kosten kwamen dus uit op 142.000 euro.

Daarnaast heeft de gemeente nog 3.251 ambtelijke uren gestoken in de crisisnoodopvang. Dat heeft 170.000 euro gekost. Maar, benadrukt de burgemeester, dat zijn geen bijkomende kosten.

"Dan hebben we het over mensen die bij ons in dienst zijn. Dus tijdens die paar dagen zijn die mensen ingezet voor de opvang en hebben ze hun normale werkzaamheden tijdelijk niet kunnen doen. Het is niet zo dat we dat bedrag nog moeten betalen."