De sluiting van bar-dancing City Lounge door de gemeente Breda krijgt mogelijk nog een juridisch staartje.

Advocaat Pjotr Leemans zegt in een reactie dat hij niet eerder een zaak heeft meegemaakt waarbij een horecazaak werd gesloten op basis van contractgegevens, in plaats van een controle ter plaatse.

Hij bekijkt momenteel samen met eigenaar Ahmed Bouhdaid welke vervolgstappen hij gaat ondernemen. "We gaan op korte termijn een aantal zaken onder de aandacht brengen bij de gemeente, zowel juridisch als over de feitelijke situatie."

De rechter oordeelde onlangs dat er onvoldoende kon worden bewezen dat de drank- en horecawet was overtreden in de zaak. Tijdens de zitting bleek dat de gemeente geen fysieke controle had gehouden in de bar, maar de overtreding had geconstateerd aan de hand van contractuele verplichtingen met leveranciers.

Volgens Leemans heeft er enkele weken terug een politiecontrole plaatsgevonden bij City Lounge die geen pas gaf. "Ik krijg de indruk dat mijn client onder het vergrootglas ligt, terwijl daar geen enkele aanleiding voor is", verklaart de advocaat.

Regels

John Grijspeere van Horeca Nederland zegt geen andere horecazaak te kennen die is gesloten op basis van administratiegegevens. "Ik weet de beweegredenen niet van de gemeente, maar de regels moeten worden nageleefd. Daarbij hoort een inspectie waarbij geconstateerd wordt dat er daadwerkelijk drank gedronken wordt."

De gemeente zegt in een reactie de uitspraak te bestuderen en zolang de procedure loopt niet inhoudelijk ingaat op de situatie.

Tegen de zaak loopt sinds 2013 een Bibob onderzoek. De bar zou bekend staan als ontmoetingsplaats voor criminelen.