Vluchtelingen en migranten die in bootjes de Middellandse Zee oversteken, lopen daarbij een stuk meer risico dan vorig jaar. Dat komt onder meer doordat minder reddingsschepen actief zijn voor de kust van Libië, zegt de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties (VN).

De UNHCR concludeert in een rapport dat steeds minder migranten proberen de oversteek te maken vanuit Libië. Degenen die nog wel vertrekken, komen relatief vaker om het leven dan vorig jaar.

Eind juli waren voor zover bekend bijna elfhonderd mensen omgekomen tijdens tochten over de gevaarlijke 'centrale' route over de Middellandse Zee, die onder meer naar Italië gaat.

In totaal overleed ongeveer een op de achttien migranten op dat traject tijdens de eerste zeven maanden van dit jaar. Dat was in dezelfde periode in 2017 nog een op de 42, aldus de UNHCR. Er deden zich dit jaar op die centrale route zeker tien incidenten voor waarbij minstens vijftig mensen het leven verloren.

Minder reddingsschepen bij Libië

Een belangrijke oorzaak is dat minder zogenoemde zoek- en reddingscapaciteit beschikbaar is voor de Libische kust. In de eerste zeven maanden van vorig jaar, haalden acht NGO's daar samen zo'n 39.000 vluchtelingen en migranten van bootjes. Inmiddels zijn er een stuk minder van die reddingsorganisaties actief.

''Het gevolg is dat vluchtelingen en migranten langer op overvolle en onveilige vaartuigen zitten en grotere afstanden afleggen voordat ze worden gezien en gered'', stelt de VN-organisatie. ''En er zijn minder spelers beschikbaar om hulp te verlenen als ze kapseizen in internationale wateren.''