Het vergt wat lef of een scherpe geest om je neus in het multiculturele wespennest dat Nederland heet te steken. De Brits-Nederlandse Ian Buruma pretendeert beide te hebben en analyseert de Nederlandse grenzen aan de tolerantie sinds de moord op Theo van Gogh.

Haarscheurtjes

Hoewel de focus op de moord op Van Gogh en zijn moordenaar Mohammed Bouyeri ligt, probeert Buruma deze schokkende gebeurtenis in een bredere context te plaatsen. Want eigenlijk begonnen zich al eerder haarscheurtjes te vertonen in het "multiculturele paradijs" dat Nederland heet te zijn. In de jaren zeventig kreeg ons kikkerlandje te maken met Molukse dissidenten van de harde lijn en in 2001 volgde de aanslag op het World Trade Center in New York. De druppels die de spreekwoordelijke emmer over deden lopen waren de moorden op Pim Fortuyn in 2002 en Theo van Gogh in 2004. Op het eerste gezicht hebben deze moorden weinig met elkaar te maken, maar de slachtoffers waren in feite beide provocateurs tot op het bot die fel van leer trokken tegen de "achterlijke islam". De maatschappij werd voor een tijdje flink ontwricht door de gewelddadige dood van beiden.

De multiculturele vloek

Nog steeds is de polarisatie tussen moslims en autochtonen voelbaar. Dat bewijzen het gekrakeel rondom Donners uitlatingen over de mogelijkheid van de invoering van de sharia in Nederland en de protesten van Leefbaar Rotterdam tegen een Islamitisch ziekenhuis in Rotterdam wel. De problematiek rondom Marokkaanse immigranten - waar het probleem zich om lijkt te centreren - raakt zelfs de man van de straat, zo lijkt het wel; iedereen heeft er een mening over. Daar waar Nederland zichzelf eerst trots op de borst klopte wat betreft het multiculturele karakter van het land is het woord nu schijnbaar een vloek geworden. Buruma richt zich op dit veelomvattende probleem rondom de islam in ons kikkerlandje én Europa.

Beide kanten van het verhaal

Om het probleem van meerdere kanten en zo objectief mogelijk te belichten laat Buruma verschillende mensen - zowel autochtoon als allochtoon - aan het woord. Hij sprak met schrijvers, bekende gezichten uit de politiek en familie en vrienden van Theo van Gogh. Van de politici krijgt vooral Ayaan Hirsi Ali een veeg uit de pan. Hoewel Buruma het eens is met haar protesten tegen de onderdrukking van de moslimvrouw vindt hij dat ze teveel voor eigen kerk predikt, namelijk de elite en niet de "gewone" immigrant. Met historicus Geert Mak en burgemeester Job Cohen is hij het weer roerend eens: de politieke uitwassen van de islam moet bestreden worden, niet de islam zelf. Buruma schotelt de lezer een complete schets van het debat voor en geeft ook vooral een diepere inzicht in hoe (prominente) Marokkaanse immigranten zelf tegen deze discussie aankijken. De boodschap is duidelijk: net als het christendom kent de islam verschillende gezichten én zienswijzen, generaliseren is een doodzonde.

Geen eye-opener

Toch is 'Murder in Amsterdam' geen echte eye-opener voor degenen die het debat ook maar een beetje gevolgd hebben. Dát er problemen zijn waar ons land en Europa wellicht nog de komende decennia mee te maken krijgt, zal niet als een totale verrassing komen voor de lezer. Buruma draagt geen echt vernieuwende visie of oplossingen aan. De vraag is natuurlijk of dat het doel is van zijn boek. Buruma voegt zich namelijk vooral naar zijn rol als observator. Een bijzondere observator, omdat hij zich voor dit boek na een periode van dertig jaar weer voor langere tijd in Nederland heeft gevestigd en dus zowel insider als outsider is. In deze hoedanigheid zet hij een aantal zaken in een verrassend historisch, maar soms wel vergezocht perspectief; mannen als Mohammed B. kun je volgens Buruma wel degelijk in een bredere Europese context zetten, met zijn antiliberale gevoelens en Nederlands opgeheven vingertje naast zijn islamitische revolutionaire hartstocht. Dit is wél nieuw, maar de meerwaarde van Buruma ligt vooral in het feit dat hij al deze visies in een enkel boek verenigd heeft. En, het moet gezegd: het leest wel lekker weg.

Boze bronnen

In de Engelse versie die hier besproken is, zal de gemiddelde lezer ongetwijfeld struikelen over de zaken die maar al te vanzelfsprekend zijn voor mensen die hier geboren en getogen zijn. Dat wordt door Buruma opgelost in de onlangs verschenen Nederlandse editie die de naam 'Dood Van Een Gezonde Roker' heeft meegekregen. Dat kon echter niet voorkomen dat een aantal geciteerde bronnen uit het boek inmiddels briesend op hun achterste benen staan. Theodor Holman, Frits Bolkestein, Afshin Ellian, Bart Jan Spruyt sluiten allemaal achter in de rij aan en beweren - een typisch Nederlandse traditie, overigens - verkeerd geciteerd of opgetekend te zijn. In de Verenigde Staten mag een factchecker dan gemeengoed zijn, in de Nederlandse journalistiek is deze nog niet echt doorgedrongen. Dat is slordig en bemoeilijkt de discussie alleen maar, in plaats van het een frisse en vooral gezondere impuls te geven.

Bestel dit boek direct:


Murder in Amsterdam
Ian Buruma