"Jouw moeder was zelfs zo mooi dat het de afgunst van de goden wekte toen die haar zagen, en ze besloten dat ze alleen in leven mocht blijven als ze onzichtbaar werd en alle herinneringen aan haar lieftalligheid uit het menselijk geheugen zou worden gewist."

Zijn achttienjarige leven lang werd Thomas Rider door zijn grootvader met dit soort en andere verhalen misleid over het leven en de dood van zijn moeder, Lucy Rider. Misleid, zo voelt Thomas het en dat is de reden dat hij na de dood van zijn grootvader besluit op zoek te gaan naar wie zijn moeder nu werkelijk was. Gaandeweg hoopt hij ook zodoende zich meer een beter beeld te vormen over zijn eigen door verzinsels vertroebelde identiteit.

Watermeloenfestival

Het is het beginpunt van een reeks ontmoetingen met de meest typische en bij vlagen bizarre personages uit het tegenwoordig slaperige, maar achttien jaar terug zo vermaarde stadje Ashland in Alabama, waar Lucy Thomas had gebaard en op dezelfde dag nog was overleden.

Al snel maakt Thomas kennis met het roemruchte watermeloenfestival waar elk jaar de watermeloenkoning, een maagdelijke jongeman uit Ashland, centraal stond en welke vitale rol deze traditie nog speelt in het leven van de Ashlandse bevolking. Ook komt hij erachter welke rol zijn moeder speelde in de abrupte beëindiging van het festival en de dramatische prijs die hij er zelf uiteindelijk voor zal moeten betalen.

Grote Vis

Daniel Wallace, schrijver van De Watermeloenkoning is beter bekend van zijn debuutroman Grote Vis, in 2003 verfilmd door Tim Burton (Big Fish). Beide boeken kennen een opvallende overeenkomst in thema; de zoektocht naar de identiteit van een jongeman, omdat een belangrijk persoon in hun leven – de vaderfiguur – zijn verleden omhangen heeft met een mist van verzinsels en fantastische verhalen.

Surrealistische elementen

Deze overeenkomst werkt alleen storend als men beide boeken kent en zelfs dan is het geen onoverkomelijk obstakel. Want net zoals de personages in zijn boeken is Wallace een geweldige en originele verhalenverteller.

Dat ligt hem niet zo zeer in zijn schrijfstijl; deze is van sierlijkheden ontdaan en staat als in contrast met de weelderige surrealistische en symbolistische elementen in het verhaal. Deze tegenstelling blijkt goed te werken. Het geeft een droog soort sarcasme mee, wat de gebeurtenissen in het boek bij tijd en wijle zeer humoristisch maakt.

Kleurrijke bewoners

Wallace vertelt het verhaal grotendeels door de ogen van de jonge Thomas Rider, maar reserveert tegelijkertijd ook een goed aantal bladzijden voor de kleurrijke bewoners van Ashland door hen om beurten aan het woord te laten, als in een monoloog gericht aan Thomas. Wallace geeft hen allen een geheel eigen en zeer natuurlijke vertelstijl mee, waarbij eigenbelang en de eigen beslommeringen van de vertellers vaak een meer centrale plaats krijgen dan Thomas’ vragen.

Tevens vertellen zij hun verhalen over Lucy Rider vanuit hun eigen perspectief. Aan Thomas én de lezer de taak om waarheid van leugen te scheiden. En dan is het nog maar de vraag of de lezer werkelijk op het oordeel van Thomas kan vertrouwen, want in het dramatische einde lijkt ook hij ten prooi te vallen aan een verwarrende vermenging van de werkelijkheid zoals wij die kennen met de wereld van de fictie.

Twee lagen

De Watermeloenkoning is een mooi verhaal met twee lagen; de oppervlakkige familiegeschiedenis, die de lezer meevoert langs een bonte stoet van mensen en hun verhalen over Lucy Rider. Daarnaast kent het boek een symbolische laag, die de lezer een spiegel voorhoudt en vragen stelt over hoe wij onze eigen identiteit vormen en vervormen, over perspectief, werkelijkheid en fantasie waarbij Wallace zelfs enige verwijzingen naar de terugkomst van de Messias en de Bijbelse apocalyps niet schuwt.

Daniel Wallace – De Watermeloenkoning
Uitgeverij: Van Buuren Uitgeverij


Bestel dit boek direct:


De watermeloenkoning
Daniel Wallace