In deze kroniek van zijn woon- en geboorteplek Istanbul beschrijft Pamuk, een van de beste auteurs van Turkije, de geschiedenis van de stad analoog aan zijn eigen leven.

Net als Amos Oz met zijn hartverscheurende A Tale of Love and Darkness, die naast autobiografie tevens als biografie van de staat Israël diende, wandelt Pamuk door het verleden en heden van Istanbul. De stad staat op het kruispunt van Oost en West, zo wordt vaak gezegd: Pamuk ziet eerder een stad in spagaat tussen heden en verleden. Een stad als artefact van een voorbije Ottomaanse periode: gebutst, getekend, verweerd, en nog zoekende naar een nieuwe plek in een nieuwe wereld. Die spagaat is de voornaamste oorzaak voor het sentiment dat in elk hoofdstuk terugkeert: de weemoed.

Weemoed

Die weemoed is de beste vertaling van het Turkse woord hüzün: zoals ook het Nederlandse woord 'gezelligheid' slechts bij benadering te vertalen is. Maar na ruim 400 pagina's Pamuk Proza krijg je wel een idee wat die weemoed inhoudt. Een volstrekt begrijpelijk verlangen naar de hoogtijdagen van deze ooit zo glorieuze stad, die als een magneet op westerse kunstenaars heeft gewerkt. Kunstenaars naar wie Pamuk regelmatig verwijst, die door Istanbul zijn beïnvloed en op hun beurt invloed uitoefenden op Turkse kunstenaars.

Kritisch westers

Dat Pamuk er geen hagiografie van heeft gemaakt, werd hem niet door iedereen in dank afgenomen. Want het is heel westers om met kritisch oog te kijken en de zaken te benoemen zoals ze zijn. Wat voor verbetering vatbaar is - en getuige Pamuk's kroniek zijn dat geen wissewasjes - dient eerst in kaart gebracht te worden. Terwijl zijn opponenten eerder voorstander zijn om de nadruk te leggen op dat wat flonkert tussen het verval, en daaruit de kracht te putten voor een hopelijke wederopbouw. Bij alles wat ze liever weggemoffeld zien we het nog niet eens over de Armeense kwestie.

Van smeltkroes tot ratjetoe

In lange, soms dromerige zinnen, schildert Pamuk een stad die zweeft tussen wonderschone smeltkroes en een lawaaierig ratjetoe, van verleiding naar afstoting. Betoverend wordt het niet, want daarvoor is Pamuk veel te eerlijk. Dat vergoelijkende gedweep met zijn stad aan de Bosporus als Oosters paradijs, daarvan moet de schrijver weinig hebben. Pamuk's Istanbul is een interessante plek met veel geschiedenis, met oneindig veel herinneringen waarvan niet elke van een sprookjesachtig kaliber is. En wat dan nog, zou je denken: van geen enkele stad is een smetteloos verleden op te tekenen. Je vraagt je dus af waarom die waarheidsgetrouwe observaties van Pamuk zo veel wrevel oogsten.

Bestel dit boek direct:


Istanbul
Orhan Pamuk