Wie zal ooit de Great American Novel schrijven? De race gaat nog even verder, want Jonathan Raban kunnen we als kandidaat voorlopig schrappen. Waxwings voldoet niet. Maar Raban is dan ook geen Yank.

Routinematig

Amerikanen denken groot. Hun land is groot, de broodjes zijn er groot, en de Amerikaanse literatuur houdt zich routinematig bezig met grote ideeën. Al zeker een eeuw wordt er gezocht naar The Great American Novel. Hij is nog steeds niet geschreven, maar iedere Amerikaanse romancier droomt erover om 'm af te leveren. The GAN mag best heel dik worden, als hij maar definieert wat Amerika is, en waarom het land anders is dan andere landen. In andere landen hebben de meeste schrijvers niet van die hoogdravende ideeën, dacht ik altijd. Het was dan ook een verrassing toen ik na het lezen van Waxwings ontdekte dat Jonathan Raban Brits is. Want zijn boek heeft wel degelijk de bedoeling om de ziel van de Amerikaanse samenleving bloot te leggen.

Hongaars bloed

Dat probeert Raban te doen aan de hand van de belevenissen van twee zeer verschillende immigranten. Tom Janeway is min of meer Engels, met Hongaars bloed. In elk geval is hij blank, wat hem in staat stelt om zich bepaalde aspecten van de Amerikaanse way of life ongestoord eigen te maken. Hij heeft een aardige carrière als schrijver. Maar hij is ook een beetje op dood spoor beland: zijn huwelijk kent ernstige problemen, zijn zoontje is hyperactief en zijn huis dondert in elkaar.

Gelukkig duikt er hulp op in de vorm van een illegale Chinese immigrant die zich Chink laat noemen, en die zo snel mogelijk rijk en heel Amerikaans wil worden. Zijn Engels is matig, maar hij zit vol met gezegdes en volkse uitdrukkingen. En hij heeft al heel snel door dat een mens in zijn nieuwe thuisland vooral heel ondernemend moet zijn: en dus buit hij een groep (ook illegale) Mexicanen uit om zijn aannemersbedrijfje - alles tegen contante betaling uiteraard - op te zetten. Vol overgave timmeren ze aan de weg, en aan Tom's bouwvallige huis.

Obsceen veel geld

Dit alles speelt zich af in een periode waarin Amerika weer eens bezig was zich te herdefiniëren: het einde van de jaren negentig, toen de internetgekte zijn hoogtepunt bereikte en iedereen met een aardig cyber-ideetje binnen kon lopen. Waxwings is gesitueerd in Seattle, waar veel van de grote spelers gevestigd waren en zijn. Tom's vrouw Beth werkt voor zo'n bedrijf en verdient er obsceen veel geld. Geld waar Tom (omdat hij een buitenstaander is?) helemaal geen boodschap aan heeft. Zijn aardige ideetjes zijn "slechts" van creatieve of literaire aard. Er valt niet veel mee te verdienen.

Duimdikke ironie

Waxwings is na het uiteenspatten van de dotcom-bubble geschreven, en de ironie ligt er duimerndik bovenop. Wij -de lezers- weten dat al die mensen die hun fortuinen verdienen met windhandel aan de vooravond staan van een zware klap. De titel van het boek verwijst naar de legende van Daedalos en Ikaros; een toonbeeld van "hoogmoed komt voor de val". Jammer genoeg komt Raban niet veel verder dan het oproepen van historisch verantwoord leedvermaak.

Artistiek gewin wordt afgezet tegen financieel gewin, maar Raban komt niet met voorvallen en incidenten die daar nou eens een inzichtelijk nieuw licht over laten schijnen. De belangrijkste plotwending is, dat Tom op een gegeven moment verdacht wordt van een zwaar misdrijf, een verhaallijn die hem vooral als buitenbeentje in de hoek zet. Zo moddert Waxwings naar zijn einde; het boek is niet slecht geschreven, maar te vlak van opzet en thematisch niet helemaal goed doordacht. Geen Great American Novel dus. Eerder een klein, quasi-Amerikaans romannetje.

Waxwings - Jonathan Raban
Uitgeverij: Nilsson & Lamm