Kevin Barry kent korte aandachtsspanne van lezer

De Ierse auteur Kevin Barry won literaire prijzen als de International IMPAC Dublin Literary Award en de Rooney Prize for Irish Literature. 

Barry was in Amsterdam om zijn vertaalde verhalenbundel Donker ligt het eiland voor NU.nl toe te lichten.

Hebt u enig idee waarom de korte verhalen in populariteit zijn toegenomen?

Kevin Barry: "Misschien vanwege de kortere aandachtsspanne van de lezer. Vroeger zat iedereen bij ons altijd met zijn neus in een roman, want Ierland heeft een rijke literaire traditie. Dat fervente leesgedrag zie je steeds minder, naar ik meen is dat ook elders in Europa het geval. Ik heb het idee dat we als schrijver rekening moeten houden met zulke veranderingen. Korte aandachtsboog, korte verhalen."

Zijn korte verhalen makkelijker om te schrijven?

"Veel debuterende auteurs beginnen met korte verhalen om hun talenten te polijsten en met het idee dat korte verhalen makkelijker zijn dan een hele roman. Het tegendeel is waar. Voor dit genre moet je al enige noten op je zang hebben om te weten hoe je de aandacht van een lezer direct vasthoudt, en hoe je een verhaal met een minimum aan woorden over het voetlicht brengt. Ik vergelijk het schrijfproces van het korte verhaal met een kunstvorm als het maken van een song of een schilderij."

Nu bent u beroemd in Ierland, maar hoe was uw beginperiode?

"Behoorlijk hilarisch. Ik was als een wandelend cliché naar een afgelegen plek gegaan en dacht dat ik daar de nieuwe Saul Bellow of Philip Roth zou worden. Bellow en Roth zijn het soort auteurs van wie ik in mijn jonge jaren talloze romans heb ik verslonden, dus daar ging Kevin, met een zeer geromantiseerd beeld van het lonkende schrijverschap. Kevin zou ook wel even een Grote Joodse Schrijver worden. Ik ben niet eens Joods en ik had ook eigenlijk geen clou welke kant ik op wilde, dus de beoogde literaire ambitie bleek erg ver van mijn bed. De exercitie werd dus een flop en ik ging hard aan de slag om mijn eigen stem te vinden."

Toch gebruikt u voor Donker ligt het eiland ook personages die ver van uw bed staan.

"Ik ben nu veel verder als schrijver, na vele jaren van bloed aan de muur."

Korte verhalen zijn ook uitermate geschikt voor verknipte hoofdpersonages, daar schijnt u iets mee te hebben.

"Ik vind de stof voor mijn verhalen on the road. Ik luister naar wat mensen vertellen in bijvoorbeeld het openbaar vervoer. Weliswaar zijn de Ieren van huis uit vlotte babbelaars, maar de mensen die zich luidkeels roeren in een volle trein of tram zijn door de bank genomen niet helemaal 'aangepast', zogezegd. Vandaar dat in veel van mijn verhalen de verknipte figuren een hoofdrol hebben. Het korte verhaal leent zich daar inderdaad goed voor. Aan zo'n permanent dronken huisarts als in 'Dokter O'Zuiplap' zou je nooit een hele roman kunnen ophangen, dat zou niet werken."

Kunt u voorbeelden noemen van on the road inspiratiemomenten voor Donker ligt het eiland?

"Ik zag ooit ergens een nog erg jong stel lopen met een dochter die al ongeveer zeventien moest zijn, dus die ouders hadden haar kennelijk op heel jonge leeftijd gekregen. Dat meisje was het sprekende evenbeeld van haar moeder, waardoor ik me meteen afvroeg hoe dat voor die vader moest zijn - het was alsof hij opnieuw zijn toenmalige piepjonge bruid in huis had. Dat gegeven verwerkte ik in 'Vrouwtje op herhaling', waarin pa zich als een uitzinnig jaloerse aap gedraagt. Een ander voorbeeld is 'Ernestine en Kit',  de twee oude vrouwtjes die kleine kinderen kidnappen. Ik reed gewoon een keer op een zonnige dag door het platteland met mijn echtgenote en we zagen daar twee oude grijze dametjes in een cabrio. Pang, toen kreeg ik meteen een ingeving dat ze op weg waren naar zulk soort duistere kidnapplannetjes."

Hoe komt het dat u niet dacht dat gewoon twee lieve dametjes op weg zijn naar een appeltaartfestijn?

"Daar durf ik niet eens aan te denken."

Naar verluidt gebruikt u slechts een à twee verhalen van de tien, wat gebeurt er met de rest?

"Bij de acute spanningsmomenten zoals ik zojuist beschreef, schrijf ik direct het verhaal in grote lijnen op. Daarna werk ik het verder uit, en dan gaat het maanden in de la. Als het verhaal na maanden nog steeds prikkelt, houd ik het vast. En dan begin ik met het inkleuren, steeds gedetailleerder. Dan is het alsof ik muziek schrijf, ik probeer een cadans, een melodie in mijn proza te krijgen, totdat ik vind dat ik een soort bergtop heb bereikt, zinnen waar de hele onderliggende berg aan ideeën en emoties mee is verbeeld. Een scherpe ballotage waar maar heel weinig verhalen de eindstreep van publicatie halen. De rest is voor de papierversnipperaar of voor 'misschien kan ik dit ooit nog eens herschrijven'."

Donker ligt het eiland is verschenen bij uitgeverij De Bezige Bij in een vertaling van Auke Leistra

Lees meer over:
Tip de redactie